Mijn rondje Amsterdam

Een lichtcirkel… een groot dank je wel…. ’t Werd mijn rondje Amsterdam. Met alles wat er was… is.

Van warme zon waarin ik me kan koesteren, naar stormachtige wind, die mijn kop gek waait en me opjaagt tot een verwilderd dier. Van een hoofd vol met de vragen: Waarom??? En Waarom??? En Waarom??? Maar waarom??? Tot de rust en het vertrouwen dat het goed is zo.

Als ik in Hoofddorp onder het station doorloop, vraag ik me af waarom ik niet gewoon met de trein naar huis ga, maar geld uitgeef aan een ‘vrienden op de fiets’ adres. En in Haarlem, als ik een korte dag heb, en dicht bij het station ben, waarom ga ik dan een vriendin lastig vallen. Een vriendin die moet werken en een huis vol herfstvakantiekinderen heeft, terwijl ik net zo goed de trein naar huis kan pakken…

Pas aan het eind van mijn tocht van 6 dagen, zie ik hoe belangrijk deze overnachtingen waren, dat dat juist de parels aan de ketting waren. Zonder al deze bijzondere ontmoetingen en warme onthalen was de cirkel niet geweest. Ontmoetingen met bekenden en onbekenden, allemaal hartelijk, inspirerend, met een warm welkom en een eigen verhaal. Bovendien ook nog heel lekker eten en een fijn bed  🙂

De 6e dag loop ik van Zaandam richting ’t Twiske, nog geen idee waar ik vandaag uit zal komen. Mijn wens is tot ’t pontje bij t IJ. Al snel loop ik voor een donkergrijze lucht uit, blauwe lucht en mooie witte wolkenschilderijen voor me.

In ’t Twiske hou ik even rust bij een mooie oude boom. Daar word ik door de regen ingehaald. Ik daag mezelf uit om nog eens een selfie te maken… weerstand, diepe zucht, loslaten… en ik begin te zingen. Een joodse psalm voor de vrede. Een lied dat ik van Sjamanca Orna Ralston heb geleerd en dat al een poosje met me meereist. Kon ik hier altijd maar blijven zitten, hier tegen deze boom, beschermd, met de vogels om me heen, de zon, de regen, koeien in de verte, bomen, struiken, plassen water. Maar ’t is fris vandaag, perfect weer om te lopen en niet te lang te blijven zitten.

De uren hierna geniet ik van ’t magisch mooie Twiske waar ik voor het eerst ben sinds de 30 jaar dat ik in Amsterdam woon! Mijn voeten doen het goed vandaag. De rugzak veel te zwaar. Er is altijd wel iets, alsof dat nodig is om in het hier en nu te blijven. Van de regen heb ik geen last.

Geen idee waarom ik ook nog eens de langste route om ’t Twiske heb gekozen, waar, na later blijkt, geen enkel koffiepunt. Die liggen natuurlijk aan de andere… korte kant!

Een kalfje drinkt bij zijn moeder, 2 andere koeien liggen knus bij elkaar en laten zich door mij niet in beweging brengen. Een schapengevecht, een vogelvlucht en heel veel water en bruggetjes. Ik druppel in ’t rond, en stel me voor dat al het water rond Amsterdam met elkaar in verbinding staat en door de intentie en de druppeltjes wordt Amsterdam langzaamaan gedrenkt in Licht en Liefde.

Ik passeer een vrouw met haar oudere moeder, vul ik in. En zij passeren mij weer. En ik passeer hen. En zij passeren mij. Tot de vrouw mij vraagt of ik de hele dag zo loop, wijzend op mijn rugzak en fladderende regencape. Ik vertel haar over mijn rondje Amsterdam, waarna ze me uitnodigt om bij haar thuis wat te komen drinken. Ik krijg haar adres, want we hebben duidelijk een ander wandelritme…

Ik ben in de war. Ik ben heel erg in mezelf, mijn rondje aan ’t afronden vandaag, en het is ook een heel uitzonderlijke uitnodiging die ik niet goed kan inschatten. Dan besluit ik dat ik niet voor niks op pad ben gegaan en dit is natuurlijk ook te leuk en reuze spannend, dus ik besluit het adres te gaan zoeken.

Het blijkt een vrouw van Israëlische afkomst met haar gezin, en haar moeder die net die week uit Israël op bezoek is. Ik oefen mijn 1 t/m 10 in het Ivriet, en vertel over mijn au pair zijn in een Israëlisch gezin in Machester 30 jaar geleden, voordat ik in Amsterdam kwam wonen. Zó rond blijkt ineens mijn afscheidsrondje Amsterdam! Het is eind van de middag en ik geniet van een heerlijke bak welverdiende koffie waar ik aan t begin van de dag al zo naar had uitgekeken. Als ik even later de wijk uitloop, draai ik me nog een keer om, om stil te staan bij deze bijzondere ontmoeting, en sta versteld van een prachtige regenboog die als een beschermende koepel over het dorp staat. Hij is te groot om in zijn geheel op de foto vast te leggen. Kippenvel.

Wat fijn dat er mensen zijn die je zomaar uitnodigen voor een kop koffie, wat ben ik blij dat ik de uitnodiging heb aangenomen en wat een superbonus voor het leven dat er dan zo’n regenboog verschijnt.

Vol energie en op springveren loop ik verder en het lukt me te voet de pont te bereiken.

Bij het restaurant op de wal in Noord drink ik nog wat op het terras. Ik wil nog even op deze plek zijn. Hier wil ik afsluiten. Op de één of andere manier heb ik hier een speciaal gevoel. Theatervoorstellingen van vrienden hebben in dit restaurant op de zolder gespeeld.  ’t Zoontje van de toenmalige eigenaresse van het restaurant dat is overleden door een slok van te hete thee. Iets wat veel indruk op me heeft gemaakt. Het jongetje, dat ik niet ken, is onvergetelijke geschiedenis voor mij geworden, en verbonden met deze plek. Baby’s krijgen sindsdien altijd te kouwe lauwe melk van mij….

6 Dagen eerder begonnen langs de Amstel met blauwe lucht en de zon in het Oosten, stap ik nu op de Pont over het IJ met prachtige hemel en een zakkende zon in ’t Westen, en stel me al de verbindende druppels voor om Amsterdam.

Tram 4 brengt me door de mensendrukte weer naar huis.

Als ik thuis ben post ik dapper de opname van mijn lied van die ochtend. Verbaasd is nog zag uitgedrukt als ik al snel een reactie krijg van de moeder van mijn au pair gezin, waar ik de afgelopen 30 jaar nauwelijks contact mee heb gehad… een uitnodiging om langs te komen…

Pas later realiseer ik me hoe uitzonderlijk mijn laatste wandeldag is geweest… mijn joodse lied voor de vrede… de uitnodiging van de joodse vrouwen… de regenboog… en als finale een uitnodiging om naar Israel te komen…

Ik voel me niet direct verwand met Israel of het Jodendom, net zo min als ik een paar weken geleden belangstelling had om een rondje Amsterdam te gaan lopen.

Dit keer probeer ik me weer niet door het Hoe en Waarom te laten meeslepen… benieuwd waar het me gaat brengen!

 

Een cirkel…een lichtcirkel…???

Vanuit huis langs de Amstel naar Uithoorn, naar Hoofddorp, naar Haarlem, naar Beverwijk via Krommenie naar Zaandam en via het IJ weer terug naar huis. Duidelijke zichtbare lijnen op een kaart.

Het is prachtig weer maandag, de eerste dag. Wat het lopen zwaar maakt vandaag is schuldgevoel. In tegenstelling tot de dagen in Frankrijk afgelopen juni, mis ik het gevoel nuttig te zijn. Ik weet dat dit nu mijn plek is en dat ik dit wil doen, maar mijn hoofd geeft me de eerste dagen weinig rust.

2 Dagen voor ik aan de wandel ga, is er een internationale samenkomst van een groep prachtige vrouwen, die allen ten doel hebben om te gaan staan voor wie ze zijn, het lef te hebben te gaan doen wat ze te doen hebben, hun missie te leven, zo groot te durven zijn als we daadwerkelijk zijn…

“Our deepest fear is not that we are inadequate. Our deepest fear is that we are powerful beyond measure. It is our light, not our darkness that most frightens us. We ask ourselves, Who am I to be brilliant, gorgeous, talented, and fabulous?

Actually, who are you not to be? You are a child of God. Your playing small does not serve the world. There is nothing enlightened about shrinking so that other people will not feel insecure around you. We are all meant to shine, as children do. We were born to make manifest the glory of God that is within us. It is not just in some of us; it is in everyone and as we let our own light shine, we unconsciously give others permission to do the same.

As we are liberated from our own fear, our presence automatically liberates others.”

Nelson Mandela’s 1994 Inauguration Speech quoting Marianne Deborah Williamson

Het is zo fijn om me even niet alleen te weten, steun te ervaren en te weten dat rekken geen zin meer heeft. Ik ga mijn cirkel om Amsterdam lopen, inclusief alle vraagtekens, licht of niet licht.

Jawel licht…

Ik krijg als cadeau 5 flesjes mee met Divine Love druppels, om tijdens mijn wandeling het Licht en de Liefde van de cirkel te bekrachtigen. Ik druppel bij de bomen langs mijn pad en in de Amstel, en spreek mijn dank uit voor ‘het-daar-zijn’, gisteren, vandaag en morgen. De intenties die in me opkomen zijn Vrede, Vrijheid en Vriendschap. Een mooie wens voor Amsterdam.

flesjes

Ik zing voor de Amstel en dank de bomen onderweg. De eerste boom waar ik bij stil sta, is een bekende boom van mij, die op een kruispunt staat naast de stoplichten. Een paar jaar geleden heeft deze boom mij geholpen om een belangrijke stap te nemen naar ‘durven zijn’: Als ik deze boom kon omhelzen ondanks ‘alle auto’s’ bij het stoplicht die er ‘iets van zouden kunnen vinden’, dan zouden heel veel andere dingen piece of cake zijn. Het werd een spannend proces van enkele weken, van voorbij lopen, aarzelen en in de buurt dralen en dwalen. Uiteindelijk was ik zo ver en kon hem zonder schroom en liefdevol omhelzen. 

Veel bomen onderweg ervaar ik als wachters, hoeders en beschermers. Sommige met veel geschiedenis, sommige nog jong, naïef en vol verwachting. Maar allemaal ten dienste van het leven er omheen.

Als ik na de Amstel richting Haarlem en Beverwijk andere wateren volg en tegenkom, zie ik steeds duidelijker voor me hoe al deze wateren met elkaar in verbinding staan, en dat ze met de Liefdevolle druppels één grote verbindende cirkel om Amsterdam vormen. Mijn hoofd wordt steeds rustiger. Elke keer als ik druppels vanaf een steiger of een brug het water in druppel, zie ik de energie zich door het water verspreiden en soms speel ik ermee door aan beide kanten van een brug druppels te laten vallen.

Ik verheug me op de afsluiting met de pont over het IJ. Pas als ik op de pont sta, realiseer ik me dat hier weinig rust en privacy is, en dat ik tussen de mensenmassa ook nog eens ver over de reling moet hangen met mijn pipetje om de druppels in het water te krijgen…

pontje Adam

Oké, minder romantisch en ceremonieel dan gehoopt, maar na de 2e poging lukt het me de druppels in het water te krijgen, en ik beeld me in hoe het water zich met de Amstel verbindt en de cirkel rondmaakt.

Later stel ik me voor dat het water geen afgesloten cirkel is, en geeft het mij het beeld van een enorme baarmoeder met vruchtwater gevoed met Licht en Liefde, Vrede, Vrijheid en Vriendschap.

Laten we haar blijven voeden.

Het ga je goed Amsterdam!

Dank je wel!

 

 

Een heel groot dank je wel!

De cirkel om Amsterdam, hij komt eraan… de lichtcirkel

Een paar weken geleden: PLOP daar was het idee van de cirkel. Ik zette het gelijk online. Geen idee hoe en waarom, maar ik kon nu niet meer terug. De eerste reactie was een aanbod van een overnachting in Beverwijk. Nou, dacht ik, dat is wel erg ver weg!

Al gauw zie ik dat er best goed een cirkel langs Beverwijk te lopen is. De eerste overnachting is er! Als ik 3 overnachtingen bij elkaar heb, besluit ik mijn tent thuis te laten, en erop te vertrouwen dat de andere nachten ook goed gaan komen. Een deel van het ‘hoe’ is beantwoord. Het waarom en hoe de laatste dag te combineren met de dag van de stilte blijven open.

Het is wel een raar idee, ik loop altijd op de bonnefooi, zonder ‘kilometers’, en nu heb ik toch al een aardig dichtgetimmerde route…

De zenuwen gieren door mijn lijf… Met mijn moeder ga ik naar de Utrechtse Heuvelrug. Een caravan bekijken, maar vooral lekker even in de bossen wandelen. Die bossen krijgen we uiteindelijk alleen maar vanuit de auto te zien. Eerder had ik de advertentie van de caravan al aan een vriendin laten zien: Kijk eens, helemaal wit  met rood! Als reactie zegt ze dat ik elke caravan wit met rood kan verven…. Nee, dat zou ik nooit doen. Maar deze is wit met rood, helemaal mijn caravan!

Daar ga ik dus even met mijn moeder naar kijken. Al gauw blijkt het te klikken met de eigenaren, en een paar uur later lopen we terug naar de auto, op springveren, vol ongeloof, blijdschap en opluchting… ik heb mijn nieuwe thuis gevonden! De huidige eigenaren hebben er 10 jaar gewoond, en ik voel aan alles, de komende jaren zijn voor mij  🙂 .

Na een goeie nacht slapen voel ik me dankbaar, dankbaar voor mijn nieuwe thuis, dankbaar voor hoe alles op z’n plek valt, dankbaar dat ik Amsterdam mag verlaten, en ja, intens dankbaar voor de 30 jaren die ik in Amsterdam mocht wonen en jaaaaaaa, daar istie weer: PLOP… De cirkel om Amsterdam wordt één hele grote dankjewel voor Amsterdam! Voor alles wat ik er mocht doen, ervaren en leren, voor alle ontmoetingen, de liefdes, de uitdagingen, mijn ontwikkelingen en vriendschappen. Ooit gekomen als Rotterdams stadsmeisje, en genoten van de vrijheid, de kroegen, roerige nachten, bakken koffie, flessen wijn, shagies en broodjes shoarma, het theater en alle hectiek van de stad. En later in en door deze zelfde stad ook het ontdekken van de stilte, de shiatsu, kruiden thee en biologische maaltijden, meditatie, leverreinigingen 😉 , mijn sterke band met de natuur en mijn spiritualiteit, en ja, af en toe nog een goeie cappuccino 🙂 , om nu zoveel rustiger en rijker te vertrekken naar een nieuwe plek.

Lief, mooi, ruig, onstuimig, romantisch, hartstochtelijk, hectisch, spannend, druk, warm, rijk Amsterdam, met je eenvoud en je arrogantie, je vlotte babbel en je gezelligheid, met je ontelbare verhalen, gedrenkt in de huizen, de gevels, de stenen, de straten, de parken, in de mensen, de grachten en de bomen, en de vele verhalen die je nog gaat ontvangen en doorvertellen:

Een HEEL GROOT DANK JE WEL!!!

 

Maar mag ik dan zomaar gaan lopen…?

16 februari 2018 is de dag dat ik wakker word met de gedachte: ik moet vandaag een uitkering aanvragen. Tot dan toe ben ik er niet mee bezig geweest. Geen haar op mijn hoofd die eraan denkt een uitkering aan te vragen! Mijn onderbewuste denkt daar blijkbaar anders over. Alle potjes zijn op, ik heb genoeg geleend en gekregen. Het eind is bereikt, en niet alleen financieel. Buiten dat mijn voet het nog steeds niet doet, ben ik verder fysiek en mentaal ook op m’n eind.

En dan moet het hele circus van de sociale dienst nog beginnen…

Een systeem dat met ja/nee werkt, zwart/wit en in/uit. Een systeem waar ik van geen kanten in pas, en waar ik zelfs 2x zoek raak, alsof ik niet besta en niet bestaan heb, onzichtbaar ben. Hoe symbolisch!

Als ik na 6 weken uitputtingsslag en veel tranen verder eindelijk word toegelaten, krijg ik een klantmanager toegewezen die mij liefst per direct in een call center ziet werken. Dat ik dan binnen een week in de ziektewet zal belanden, deert hem niet. Hoog gevoelig? Daar weet ie alles van, daar heeft ie over gelezen, dat is gedrag…

Dagen zoemt het door mijn hoofd: dit systeem is er ook voor mij…dit systeem is er ook voor mij… het kan niet de bedoeling zijn dat de maatschappij me ziek wil hebben…dit systeem is er ook voor mij…

En dan, ook bij de gemeente werken er engelen smile. Ik word gered en mag van start bij Eigen Werk, het traject voor startende ondernemers met een uitkering. Ik ga weer oppakken wat ik een paar jaar eerder heb losgelaten: een healing praktijk. Alles wat mij uit het call center zal houden, en dit is geen verkeerde oplossing.

De introductiemaand is een grote uitdaging, ik word na een half jaar zitten weer in beweging gebracht, geprikkeld en uitgedaagd, continue uit mijn comfortzone gehaald, en hoe heerlijk om weer in een groep aan de gang te gaan!

Na deze maand volgt het selectiegesprek voor het vervolgtraject, maar eerst ga ik naar een welverdiende retraite in Frankrijk.

Voorafgaand aan de retraite trek ik 3 dagen met rugzak en tent door Zuid Frankrijk, en voel me thuis. Ik voel me eindelijk weer nuttig, heb t gevoel dat dit is wat ik te doen heb, dat dit er toe doet. “Is dit dan toch wat ik te doen heb??? Mag ik weer gaan lopen, lopen zonder eind…” schrijf ik in mn notitieboekje.

Terug in Nederland kan ik nergens anders aan denken, en besluit dat ik zo snel mogelijk weer wil gaan lopen, met alle consequenties van dien. Iemand zegt me dat ik dit misschien wel met de sociale dienst in bedrijfsvorm kan gieten. Ik lach hartelijk om het idee. Maar gedurende de dag gaat het borrelen, eh… ja, waarom niet?

Ik besluit mijn hele plan van healing praktijk om te gooien naar een wandelpraktijk. Daar word ik blij van! En wat een wonder zo bijzonder, het wordt goedgekeurd!

Het vervolgtraject is inspirerend en leerzaam. Het zet me net zo vaak in beweging als dat het me totaal stilzet. Soms zit ik uren achter mijn bureau naar buiten te staren, zonder dat er iets uit mijn handen komt. Dan ga ik maar weer een wandeling maken. Het blijft een systeem waar ik me niet in thuis voel. Aan de andere kant laat alles en iedereen me vrij, moet ik niks, en word ik vooral geprikkeld, uitgedaagd en gevoed. Als ik maar trouw blijf aan mezelf… het project is er voor mij, ik ben er niet voor het project… Ik ontdek dat ik mezelf vastzet in het systeem. Ik wil het graag goed doen, ik wil graag passen, geen fouten maken en zeker niet opvallen.

Maar als ik mezelf vastzet, kan ik mezelf ook weer losmaken. Ik word er steeds handiger in. Er komt een verzoek van een mede-ondernemer, om onze pitch op te nemen en aan haar op te sturen, zodat zij daar als presentatie-coach mee aan de slag kan. Ik vind het vreselijk om te pitchen en vreselijk om mezelf op te nemen, maar weet dat dit een belangrijk onderdeel kan worden van mijn wandel-publiciteit. Ik ben er een dag mee bezig, en krijg er steeds meer lol in. Als ik het heb opgestuurd, plopt ook nog eens de vreselijk enge gedachte op, dat ik dit ook op Facebook zou kunnen plaatsen. Ik haal diep adem, draai een knop om in mijn hoofd en spring op, what the heck… en zet mezelf online!

Wanneer ik later een opdracht krijg om een power point presentatie te maken, neem ik de uitnodiging aan en doe vervolgens niks. Vrienden bieden aan om me er mee te helpen, maar daar reageer ik niet eens op.

Na een week bevriezing, besluit ik de opdracht maar los te laten, en gelijk begint er weer van alles te borrelen. De volgende ochtend word ik wakker met het idee: ik ga een lichtcirkel om Amsterdam lopen.

Normaal zou ik een dag met zo’n idee aan de gang gaan, om ’t vervolgens door alle  bezwaren naast me neer te leggen.

Dit keer zie ik het als mijn alternatief van de Power Point opdracht. Ik publiceer het idee gelijk op Facebook zodat ik er niet meer onderuit kan.

Ik realiseer me dat veel ideeën van mij het licht niet zien, omdat ze verdrinken in het ‘hoe’ en ‘waarom’.

Ik ben van Amsterdam naar Spanje gelopen! Als ik me van te voren had afgevraagd ‘hoe’, en helemaal ‘waarom’, dan was ik nooit van huis vertrokken! Het was een idee, ik wist niet waarom, maar ben gewoon gegaan, en het is het mooiste half jaar van mijn leven geworden.

Dit keer ga ik in een week een cirkel lopen om Amsterdam, een lichtcirkel. Geen idee hoe en waarom. Het wordt vast een hele mooie week!

Het is nu een jaar nadat ik mijn voet gebroken heb, en er zijn nog steeds dagen dat ik kreupel loop en erge pijn heb. Als ik mijn fysio, een fanatiek wandelaar, vertel wanneer ik wel en geen last heb, bevestigt hij wat ik eigenlijk al weet: als ik trouw ben aan mezelf, en doe waar ik gelukkig van word , doet mijn voet vanzelf mee. Als ik me aanpas, denk van alles te moeten omdat het me gevraagd wordt of denk dat ’t zo hoort, krijg ik weer pijn en word ik letterlijk stil gezet.

Ik vraag hem wat ik dan toch te doen heb? Waarop hij me teruggeeft dat ik hem dat zojuist allemaal heb verteld, en dat ik blijkbaar 3 dagen zonder pijn kan lopen. Waarop ik hem vraag: maar mag ik dan zomaar gaan lopen?

“Dat zal je jezelf moeten vragen”, geeft ie terug. “Tja, we moeten toch ons geld verdienen, maar wees gerust, er zal altijd genoeg tijd zijn om lekker een week te gaan lopen, om tot rust te komen, want daar doen we het toch voor… tenminste daar doe ik het voor.”

“Nee”, zeg ik, “ik niet, lopen is mijn werk. Dan voel ik me nuttig, dan draag ik bij.”

Die avond verzucht ik bij een vriendin, hoe lastig ik het vind dat er niemand is, die me gewoon vertelt wat ik moet doen, dat ik dat zo graag zou willen. “Nee”, zegt ze, “het is andersom. Jij weet wat je wil doen, en bent aan t wachten tot iemand nee schudt, tot iemand zegt dat je het niet moet doen. Maar er is niemand meer die je tegenhoudt.

Die ‘nee’ komt alsmaar niet…”

 

 

 

Een lichtcirkel om Amsterdam

Elke dag wandel ik. Ik wandel door het leven, wandel bij mezelf naar binnen en wandel stukjes over de aarde. Ik voel me pelgrim, reiziger, ontdekkingsreiziger.

Door mijn agenda bladerend, verschijnt er ineens na veel volle weken een hele week zonder afspraken… Niks! Gewoon leeg!!!

Oooooo…. Dan kan ik gaan lopen?!?!?

Oe, maar het is al wel koud voor kamperen…

Nou, dan heb ik gewoon een warmere slaapzak nodig 🙂

Ja, ik wandel elke dag, soms een paar kilometer en soms meer, dat maakt niet uit. Maar er gaat niks boven lopen en verder lopen, zonder terug te hoeven keren.

Ik herinner me de 1e dagen van mijn wandeltocht naar Spanje, dat ik vanaf huis wegliep en me verbaasde, hoe mooi ’t was, zo dicht bij Amsterdam. En dichtbij was ik, want wel 3-dagen-lopen-lang was ‘mijn Philipstoren’ nog steeds te zien! (‘Onthouden’, schreef ik destijds in mijn notitieboekje).

Vanochtend heel vroeg borrelde er een idee boven: Ik ga in een week om Amsterdam heen lopen! Een lichtcirkel om Amsterdam heen wandelen?!?!

Zou het kunnen??? Eindigend op zondag 28 oktober, de dag van de Stilte…

Mmmmmmmmm het idee alleen al voelt als thuiskomen 🙂

Snotteren en Weerstand

Naar aanleiding van mijn vorige verhaal kreeg ik de vraag of ik ook over mijn retraite ging vertellen. Mijn reactie was dat ’t nu nog vooral over snotteren en weerstand zou gaan. Dat is juist interessant, krijg ik terug.

Die avond pak ik pen en papier en begin te schrijven…

Tot mijn 18e moest ik elke zondag naar de kerk. Katholiek. Niet Rooms, zei mijn moeder altijd met klem. Ik hield van de Latijnse missen. Die monotone zang vond ik heerlijk, en niet onbelangrijk, het mysterieuze van het niet weten wat je zingt, alleen de klanken. De meeste zondagen sloot ik me af, luisterde ik expres niet, en liet steeds vaker zinnetjes weg uit gebeden, die ik niet begreep of waar ik het niet mee eens was. Ik begreep teksten vaak niet, en er kwam ook nooit een bevredigende uitleg. Dit doe je mee tot je 18e en daarna ben je vrij om zelf te kiezen, was ongeveer het besluit van mijn ouders.

Ik moet ook zeggen dat we heel wat hebben afgelachen in de kerk, mijn broer en mijn zussen. Wanneer de slappe lach eenmaal was begonnen, en onze ouders niet tussen ons in gingen zitten, herinner ik me als een heerlijke tijd.

Naarmate ik ouder werd, ontdekte ik dat mensen buiten de kerk heel anders konden zijn dan in de kerk. Dat was voor mij onvoorstelbaar. Het maakte me nog recalcitranter, wat zich uitte in het totaal niet meer luisteren. Toen ik later op kamers woonde weet ik nog dat ik mijn moeder een keer belde om te vragen waar die Pasen en Pinksteren nou eigenlijk over gingen… ik wist werkelijk niets!

~~~

De laatste keer dat ik naar een reguliere kerkdienst ga ben ik bijna 18 en zit in mijn eindexamen. Ik mag kiezen of ik naar de stille avondmis op zaterdagavond wil gaan of de gebruikelijke zondagsdienst. Ik kies de stille mis, en voor het eerst gebeurt er iets. Doordat ik alleen ben en door de stilte, kan ik mezelf openstellen en misschien is dat het moment dat ik voor ’t eerst bid, iets dat ik nu mediteren zou noemen. Het is een fijne ervaring die ik nooit eerder had. Na afloop loop ik de kerk uit en weet, er zit hier iets heel moois in, maar de kerk heeft het niet. Daarmee eindigt mijn 18 jaar trouwe kerkgang.

~~~

Afgelopen 10 jaar bezoek ik af en toe een homeopaat, mijn praatdokter. Regelmatig komt ie met een verhaal of citaat van Jezus. Ik sluit dan als vanzelf mijn oren, glimlach begrijpend en wacht tot het over is en we weer ‘verder’ gaan. Thuisgekomen ben ik te nieuwsgierig en google ik ‘stiekem’ de flarden die ik heb opgevangen. Elke keer ben ik verrast door de mooie teksten en de parallel met mijn eigen situatie op dat moment.

Als hij me verschillende keren het boek aanraadt ‘God is nooit te laat (maar ook nooit te vroeg)’ gaat me dat echt te ver. Een boek over God, ja echt niet! Maar hij blijft ermee komen… Uiteindelijk wil ik er van af zijn en weet t boekje 2e hands op de kop te tikken. Daar kan ik me geen buil aan vallen.

Ik ben geen snelle lezer, maar hier scan ik vliegensvlug doorheen, oppervlakkig, niks binnen laten komen, en kijken of de schrijver ‘aan de goeie kant van “de lijn” blijft’…

Als ik het heb goedgekeurd en m’n nieuwsgierigheid is gewekt, begin ik met echt lezen… en weer lezen… en nog een keer lezen…en weer… Zo heb ik bijbelteksten nooit gelezen, nooit geïnterpreteerd. Het zijn eigenlijk hele mooie verhalen, en zo rijk en wijs en zo eigentijds uitgelegd met zoveel humor. Dit is leuk!

(mijn spellingscorrector zegt hier overigens dat ‘bijbelteksten’ met een hoofdletter moet…?!?)

Het duurt daarna nog wel een paar jaar voordat ik de naam ‘Jezus’ normaal uit kan spreken, zonder dat er gelijk gekscherende liedjes door mijn hoofd gaan, waar ik overigens nog steeds om kan lachen. En nog steeds vind ik het lastig om de naam ‘Jezus’ neutraal in een gesprek te laten vallen.

Tijdens een cirkelbijeenkomst die ik een aantal keer per jaar mee maak, met gelijkgestemden, maak ik een geleidde meditatie mee, waarin we op een bepaald moment te horen krijgen dat we in de verte een bekende zien staan. Deze komt steeds dichterbij, en staat dan vlak voor ons. Er wordt ons verteld dat wij diegene zijn. OEIOEIOEI Zat ik even verkeerd!!! Ik zag namelijk Jezus! Hahaha!

Als we nabespreken kan ik er makkelijk een draai aangeven en omschrijf mijn ontmoeting met een pelgrim. Das niet zo gek, na een half jaar pelgrim te zijn geweest. Als even later iemand anders in de kring zegt dat ze Jezus voor zich had, floept het er bij mij met hoge stem uit: Oo, ik ook!!!

Hoe gênant… en hoe fijn dat ik niet de enige loco ben 🙂

~~~

Het is december 2017 en mijn voet wordt niet echt beter. Ik moet iets… Ik wil iets waardoor ik weer aan de gang kan, in beweging kom. Mijn hoofd draait overuren met de vraag waarom afgelopen jaren eerst mijn frozen schouders me stil hebben gezet en nu mijn gebroken voet zo veel tijd nodig heeft om te herstellen. Doordat elke keer letterlijk de beweging uit mijn lijf wordt gehaald, is er niet veel anders mogelijk dan naar binnen te kijken. Heel veel zie ik daar nog niet.

Als er een workshop Healing Tao bij mij in de buurt komt, schrijf ik me in. Eindelijk weer iets inspirerends van buitenaf, iets positiefs voor mijn lijf en hopelijk mijn toerende en wanhopige hoofd.

Het is een heerlijk weekend, weer lekker met m’n lijf bezig, dat alles lijf wat naast mijn voet ook nog bestaat. Als de docente vertelt over het Hart van Smaragd Licht, een zelf-healingmethode en een retraite in juni in Zuid Frankrijk in het teken van Maria Magdalena, voel ik meteen dat ik ‘dat’ wil. Gek, toen ik over deze dingen op haar website las, trok me dat niet aan. Nu ze erover spreekt voel ik in mijn hele lijf dat ik naar die retraite wil…moet.

Die 2 kanten blijven doorsudderen…dit is niks voor mij… dit moet ik doen… nee, dit is niet mijn ding… ik heb geen keus…

Een aanwezige vriendin is al gelijk aan het uitzoeken of ze beter met de auto of het vliegtuig naar de retraite kan, waarop een milieuvriendelijke reactie uit de groep komt, dat de trein ook een mogelijkheid is?! Daar kan ik natuurlijk overheen, en zeg dat je er natuurlijk ook gewoon heen kan lopen 🙂 . En zo is het idee geboren om in 3 maanden naar de retraite in Zuid Frankrijk te lopen. Als het de bedoeling is, doet mijn voet het tegen die tijd wel en gaat het geld ook weer stromen.

Een paar maanden later doet mijn voet het niet, en zit ik in een ingewikkelde relatie met de sociale dienst. Ik raak steeds meer uitgeput.

Het plan wordt ingekort naar 2 maanden lopen, naar 1 maand lopen…

Ondertussen word ik steeds onrustiger…waarom tot juni wachten? Ik wil NU! Ik MOET nu!

Tijdens de retraite is er een training waarin je leert werken met de wijsheid van Maria Magdalena. Je kunt dan zelf-healingen geven. De training kun je ook los van de retraite doen. Ja zeg, zegt mijn hoofd, we hebben geen geld, je wacht maar lekker tot juni, 2x de training doen lijkt me wat overdreven, oefen maar wat extra in geduld!

Het hoofd heeft gelijk en ik richt me weer op andere dingen.

Een paar weken later komt het terug, het porren, prikken, stuwen en duwen.

Ik kan niet wachten tot juni!

Maar je hebt geen geld!

Ja maar ik moet NU!

Dat is onzin!

Ik moet!

Je gelooft er niet eens in…………

? ………. ? ………….? alles in mij wil het doen, ik heb geen keus

~~~

Twee jaar eerder had ik geld gevraagd voor mijn verjaardag om in een workshop een eigen drum te maken, een sjamanentrommel. De envelop met geld staat al 2 jaar geduldig op mijn altaar te wachten op ’t juiste moment. Elke keer is er wel iets, de datum komt niet uit, de gewenste huid is niet aanwezig, de soort trommel past me niet… Na 2 jaar rust valt de envelop met geld van het altaar op de grond. Een week later weer! Ineens kom ik op het idee dat ik dit geld ook aan de extra training zou kunnen besteden… Nee… das voor een trommel. Oké. Ja maar, nee…oké! Maar… Oké! Oké! Oké!

Ik vind het lastig, want hoe vertel ik het mijn lieve gevers… geen trommel… maar iets over Licht, een hart van Smaragd… Maria Magdalena… zelf healingen…

Ze zien me aankomen…

Die trommel en het sjamanisme wordt niet meer zo gek gevonden, dat heeft wel iets leuks, iets spannends. Daar is mijn omgeving inmiddels wel aan gewend. Maar het hart van Smaragd, Licht dat is doorgegeven…pfffff…. Ik snap er zelf al niks van, hoe ga ik dit brengen?

Eerst maar ervaren. Dan wordt het vanzelf duidelijk. Hoop ik.

Oja, waar zou ik ook al weer over gaan schrijven? Ach ja, snotteren en weerstand…

Weer thuis

4 juni 2013 vertrok ik te voet van Amsterdam naar Spanje. 5 jaar later neem ik op 4 juni de trein naar Venerque le Vernet, een plaatsje iets onder Toulouse. Later die week heb ik een retraite in het teken van Maria Magdalena in Katharenland, maar voor die tijd heb ik een paar dagen vrij in te vullen.

’T is gek, maar ik zie al weken op tegen de overstap in Parijs, en uiteindelijk gaat die helemaal als vanzelf. Als ik onderweg ben, ben ik veel meer in het moment, en neem ik alles zoals het zich aandient. Dan volg je gewoon wat je te doen hebt, en als het niet duidelijk is, vraag ik het. Alles zonder stress, zonder gedoe, zonder moeite… eigenlijk een beetje saai 🙂

Ik voel ook helemaal geen Parijse stress. Ik zie hem wel, maar hij is niet anders dan in Amsterdam. Het is eigenlijk een beetje raar om naar Zuid Frankrijk te reizen. Ik voel hoe ik mezelf meeneem, het weer schijnt in Nederland ook nog eens veel beter te zijn en tot nu toe is de omgeving nog niet spannend. Ook de mensen prikkelen me (nog) niet. Ik ben best moe, kort geslapen. Ik ben hier net zo ‘van een andere wereld’ als thuis. Geen behoefte me hierin te mengen. Ik ben op vakantie 🙂

Dit net opgeschreven, raak ik in de trein aan de praat met een 19jarige studente uit Noord Frankrijk die naar een stage plek gaat in het Zuiden, iets boven Toulouse. Eigenlijk probeer ik nog een plaatsje apart te krijgen, maar ik kom er niet onderuit. Mijn buurvrouw ziet de half lege trein niet als uitnodiging om lekker apart met veel ruimte te kunnen zitten. Uiteindelijk delen we 3 uur lang onze, en vooral haar, inspirerende levens. Ze volgt een academie voor het creëren van glazen kunst voorwerpen, en dankzij de mobiel krijg ik de laatste tentoonstelling van vazen van haar jaar te zien. Prachtige werken, een mooi mens, enthousiast en zo wijs! We omhelzen elkaar ten afscheid. Wat fijn, zo’n licht te ontmoeten! Haar naam is Marie.

Om 8 uur ’s avonds zit ik voor mijn tentje aan een kolkende rivier, bruin van alles wat ie meevoert. Geluk met een fles water en een bakje blauwe bessen.

De volgende dag zit ik op ’n bankje bij de rivier te lunchen, en bedenk me dat ik hier een paar dagen kan blijven, en kijken wat er gebeurt. Het is hier erg mooi. En dan zie ik ineens een rugzak over de brug lopen! Mijn hele lijf reageert en wil er direct achteraan! Ik weet niet of mijn voet ’t aankan, heb geen haast, maar volgens mij moet ik morgen weer gaan lopen 🙂.

20 km verderop ligt het Canal du Midi waarlangs een voet- en fietspad van zo’n 500 km loopt. Mijn plan is daar de eerste dag heen te lopen. In overleg met de campingbeheerder neem ik de langste en heuvelachtigste route, met minder autoverkeer. Die uitdaging ga ik aan, desnoods daarna een week met mijn voet omhoog!

Ik moet onderweg natuurlijk gelijk al plassen. Hoe vertrouwd. Een vrouw in kamerjas loopt naar buiten om de houten luiken van haar ramen open te klappen. Ik ben weer thuis! De arrogantie van ‘de wereld is van mij’ heb ik nog niet terug, maar ik geniet van de vogels, de lucht, de bomen, en… ik heb eindelijk weer ’t gevoel dat ik wat doe, dat ik nuttig ben! Ik moet denken aan de man in Rotterdam die hele dagen door de stad rolschaatste, want daarmee hield hij de aarde draaiende. Als hij zou stoppen zou de aarde stoppen met draaien! Ik heb sterk het gevoel dat ik ook iets doe door te lopen. Alsof elke voetstap de aarde masseert, voedt, zoals de aarde mij bij elke stap voedt. Is dit dan toch wat ik te doen heb??? Mag ik weer gaan lopen, lopen zonder eind…

Ik ontmoet de eerste niet zo lieve hond en ik schrik niet. Ik lees het naambordje Rue de Baronnes.

Daar woont dus een razende hond.

Na een uurtje hoef ik al niet meer te plassen. Dat wordt allemaal intern opgelost. Ooh frambozen!!! Ik kan er net niet bij. Elk huis ‘a vendre’ wordt weer vastgelegd, en brengt mijn fantasie op hol. Ook daarin niks veranderd.

Halverwege de dag ontdek ik dat ik vlakbij een camino-route loop. Omdat ik niet weet waar die uitkomt, besluit ik maar mijn eigen route te volgen. Er sjeest een motor voorbij. Grappig toch hoe de één houdt van snel, en voor mij is 3 km per uur hard zat.

Paddenstoelen zo groot als mijn hoofd, vrijende slakken en af en toe een wielrenner die de heuvel op klimt. Inmiddels is de wereld weer van mij, en moet ik oppassen niet de hele tijd midden op de weg te lopen.

De eerste paar uren voel ik mijn (gebroken) voet bij elke stap. Daarna niet meer. Dan voel ik mijn kuiten, mijn bovenbenen, van binnen, van voor en van achter! En mijn billen… Mijn rugzak valt mee. Dan een bordje ‘camping this way, chemin de terre’. Ooh mijn liezen!!! Om 14 uur staat mijn tentje op, ligt mijn bedje klaar, en geniet ik van een heerlijke verdiende lunch met een blikje kidneybonen en een paprika. Ik voel alleen nog maar mijn voet…

Ik raak in gesprek met mijn achterbuurvrouw, die daar tijdelijk op de camping woont, en al gauw delen we onze levensvragen, onze pijn en zoektocht. We hebben niet langer dan een kwartier samen, voor zij weer verder moet, maar zijn voor altijd verbonden. We omhelzen elkaar ten afscheid. Haar naam is Marie.

Gister sliep ik bij de ruis van de kolkende rivier, nu in de ruis van de 2 snelwegen waartussen de camping ligt. Al is het hier prachtig, de autoruis doet me de volgende dag weer inpakken en doorgaan.

Plassen op een franse wc met barefootschoenen is net alsof je op je sokken…nou ja, laat maar. Geen succes!

Op de camping kom ik een andere wandelaar tegen, waar ik niet echt contact mee krijg. Hij is de volgende ochtend eerder weg dan ik, en blijkt een andere weg naar Canal du Midi te hebben genomen. Als ik langs het kanaal loop, zie ik hem op de brug gefrustreerd gebaren en weer omkeren. Ik probeer zijn aandacht te trekken, maar hij ziet me niet, net zo min waarschijnlijk als de loopbrug die een klein stukje verder ligt. Later die ochtend loopt hij me voorbij, duidelijk makend dat ie geen contact wil en zodra die voor me is, zie ik hem op zijn horloge kijken. Hij heeft duidelijk een taak te volbrengen. En ik ga maar weer ’s even stil staan om alles op te schrijven.

‘s avonds ontmoeten we elkaar weer op onze volgende camping.

Tijdens het lopen raap ik het plastic afval op dat ik tegenkom. Ik wou dat ik een tas had om alles in te doen….

Kort daarop zie ik ergens een plastic zak liggen, en als ik me zuchtend begin druk te maken dat iemand dat zo heeft achtergelaten, realiseer ik me dat ik daar juist om gevraagd had…

In Nederland stel ik mezelf altijd een limiet voor wat ik op mag rapen, omdat ik anders alleen maar aan t rapen ben, maar nu kan ik het niet laten. Het lopen wordt er wel een stuk zwaarder door, dat bukken met de rugzak de hele tijd, maar het geeft ook voldoening.

Ik raak in gesprek met een fietser uit Belgie die al een jaar rondtoert, en het plan heeft om de wereld over te fietsen. Ik vertel hem dat ik dat misschien wel lopend wil gaan doen… Ik doe mijn best om er niet de hele dag mee bezig te zijn, maar te genieten van de dagen die ik nu heb, en de stappen die ik nu zet. Ik leef NU!

De 3e dag is hoedjesdag. Eindelijk schijnt de zon volop! De route langs het kanaal is prachtig, alleen heel de tijd met de autowegruis die regelmatig de vogels overstemt. Dan maar zelf zingen om de aarde stem te geven tegen dat autogeweld. Het is hier zo mooi…

Na een uur wordt het stiller, en hoor ik de vogels weer. Ik loop van sluis naar sluis. Fascinerend toch, elke keer dat verschil in waterhoogte. Als ik op een kruising bij een sluis vraag waar ik een prullenbak kan vinden om mijn zak te legen, blijkt dit later het punt waar ik een afslag mis en op de bijzonder mooie camino route terecht kom. Het wordt een enorme omweg. Oh, als ik die retraite niet had…. Dan had ik door kunnen lopen, dwalen, me door de lucht laten leiden…

Na een paar uur dwalen ben ik eindelijk weer op de route van het kanaal. Daar lig ik onder de mooiste boom, op ’t beste bankje en eet mijn lekkerste broodje ooit 🙂

Aan ’t einde van de dag kom ik aan in Castelnaudary, waar ik de volgende dag opgepikt wordt door een vriendin die ook naar de retraite gaat. Blijkt de camping nog niet open te zijn! Een oudere vrouw die ik aanspreek zegt me dat er wel in het park gekampeerd wordt. Het is een optie, maar hij blijft voor mij niet aantrekkelijk: geen douche, geen water, geen wc en dan ook nog een alerte nacht… ieder zijn hobby, maar liever niet voor mij. Bij de tourist office hoor ik dat de volgende camping 6 km verderop is. Nou, die heb ik echt niet meer in mijn voeten zitten vandaag! ’T Is al tegen 5en en het Ibis hotel is de goedkoopste optie…nee, dan toch ’t park…maar allebei eigenlijk niet… Zij hebben geen oplossing, en ik heb geen puf om het kantoor te verlaten…

Dan komt er een meisje van achter die zegt een AirB&B plek te weten, en uiteindelijk wordt dat de oplossing. Ik kom bij een bijzonder stel met een 3 jarige peuter. Ze gaan de volgende dag weg voor een paar dagen, en ik krijg de sleutel! Het klikt, ik eet mee, en zwaai hen de volgende ochtend uit, waarna ik weer lekker mijn bed inkruip…ik ben zoooo moe. 3 dagen lopen, 3 dagen bijzondere ontmoetingen, 3 dagen mee op de stroom, 3 dagen thuis.

 

Geboorte

In mij vechten 2 wolven met elkaar. De ene die ik niet ben, en de andere die ik niet wil zijn…

Boos ben ik. Boos. Omdat ik het gevoel heb al 3 jaar tegengewerkt te worden. ‘Alles’ wat ik wil opzetten of wil beginnen lijkt niet te mogen. Eerst krijg ik een frozen shoulder, en als die eindelijk ontdooit lijkt, begint de andere schouder. Als ik bijna een jaar later moeizaam herstellende ben van mijn gebroken voet, realiseer ik me ineens dat mijn beide armen het weer doen, en overleef ik op weg naar een fijn samenzijn een slippartij op de A2 waardoor ik achterstevoren op de vluchtstrook beland. In plaats van dankbaar te zijn dat ik het er levend en zonder kleerscheuren vanaf heb gebracht, ben ik boos en gefrustreerd dat me dit is overkomen. Mag het nou alsjeblieft gewoon een keertje ‘gewoon gáán’? Het lijkt allemaal buiten mij om te gebeuren. Tijdens de slip zie ik mezelf als kijkende naar een film gaan en roep ik hardop terwijl ik rondtol: “hé, maar dat ben ik!?!” Mijn auto staat daar dan wel achterstevoren, maar zo netjes recht en midden op de vluchtstrook geparkeerd, dat ik het gevoel heb dat er met me ‘gespeeld’ wordt en dat ik daar gewoon neergezet ben. Waarom moet ik terug naar huis??

Maanden voordat ik mijn voet breek bezoek ik een sjamaan uit Zuid Afrika met de vraag wat mij tegenhoudt. Tijdens ons samen zijn, doet hij o.a. een ceremonie waarbij hij een zak met botjes, muntjes en stenen leeggooit. Vanuit hoe alles op het kleed valt kan hij mij informatie geven waardoor ik inzicht krijg in mijn situatie. Hij laat me zien dat er vlak bij het botje, dat mijn persoon voorstelt, een grote steen ligt. Dat houdt mij tegen. Als hij die steen van het kleed afhaalt, voel ik me ineens kilo’s lichter, waarna hij de steen weer terug legt en ik het effect als bakstenen op mijn rug ervaar. Ik vraag hem of ie die steen dan niet gewoon weg kan halen en weglaten, maar zo werkt het helaas niet.

Hij geeft me huiswerk mee voor thuis. Het is aan mij om die ballast op te ruimen…. Ik weet nu hoe het voelt als het uit de weg geruimd is!

Een paar maanden later heb ik een afspraak met sjamaniste Linda, en stel haar dezelfde vraag, ‘wat houdt mij tegen?’. Tijdens een wandeling door een heerlijke Heemtuin in Amsterdam West, zoeken we eerst door mijn vaders en daarna door mijn moeders familie, maar daar vinden we het antwoord niet.  Wel geeft ze me terug dat mijn vader uit een zeer streng religieuze voorouderlijke lijn stamt. Mijn moeder kan dat later bevestigen. Als Linda zichzelf dan presenteert als datgene wat mij tegenhoudt, begin ik ineens te schreeuwen en van me af te slaan. Ik ren van haar weg, kriskras door de smalle paadjes van de heemtuin, maar lijk niet aan haar te ontkomen. Smekend vraag ik wat ik moet doen om losgelaten te worden. Linda vertelt me dat het een heel oude liefde is, die mij uit eigenbelang aan zich ‘vastgeketend’ heeft. Ze helpt mij uiteindelijk de dikke kabel tussen deze oud-geliefde en mij door te snijden, waarna ik me ongelofelijk vrij voel. Een vrijheid die ik nooit eerder zo ervaren heb en ’t voelt heerlijk! Ik hoef nergens meer heen. Alles is goed. En tegelijkertijd onwennig. Ik heb nog nooit op eigen benen gestaan…

Als in juni mijn lieve peettante overlijdt, zit er een lied in mijn hoofd, en ik vraag me af of ik dit op de begrafenis zal zingen. DOODeng vind ik dat, en doe het liever niet. Ik besluit dat als ik niet gevraagd word om iets te doen, dat ik dan niet hoef van mezelf, dat het dan goed is.

Er word geen bijdrage van mij gevraagd, en ga met een gerust hart naar de begrafenis. Denk ik. Toch heb ik de tekst van het lied in mijn tas gestopt. Er blijft iets in mij knagen, duwen en grommen. Ik doe hard mijn best dit te negeren, ‘we’ hadden immers afgesproken dat het niet hoefde.

Als we later met een grote groep familie en dierbaren om het graf staan, voel ik mijn hartslag toenemen. Als iedereen om beurten langs het graf loopt om afscheid te nemen, sta ik als aan de grond genageld. Inmiddels is mijn hartslag verdubbeld. De ene wolf wil het lied brengen, en de andere wil zo graag net zo zijn als iedereen en vooral niet opvallen en zéker geen risico nemen.

Het gaat hier niet om mij! Het is toch goed zo, dit afscheid zonder mijn lied. We hadden toch afgesproken…

Als bijna iedereen weg is en ik nog steeds vastgeklonken sta aan de aarde, mijn hartslag als een razende tekeer gaat, vind ik de ogen van mijn zwager die mij in de gaten lijkt te houden. Ik ruis naar hem toe en zeg in paniek: ik moet zingen, maar ik kan het niet! Mijn zwager zegt me het ‘gewoon’ te doen, en dan blijkt ineens dat ik precies weet wat ik te doen heb: ik vraag mijn oom om toestemming, pak de veren uit mijn tas die ik de vorige dag uit het park heb meegenomen, doe mijn schoenen uit, loop naar het graf en zing mijn lied. Een enorme koortslip herinnert me er de volgende dag aan wat voor strijd er die dag gevoerd is. Een gewonnen strijd geeft het fijne rustgevoel aan. Maar strijd…

Niet vechten, zegt mijn zwager, niet vechten, niet vechten, niet vechten, niet vechten, niet vechten, niet vechten, niet vechten…. Degene die ik niet ben, en degene die ik niet wil zijn… niet vechten…

Sinds ik mijn voet gebroken heb, ga ik met de metro naar mijn oppasadres. Op een ochtend zit ik in de metro, en de lamlendigheid van de reizigers om me heen komt als een deken over me heen te liggen. Daartussen zit een klein meisje, dat nog zoveel pit in zich heeft, maar die zich treurig mee laat slepen door de medereizigers. “Goodmorning Starshine’ van Hair zingt in mijn hoofd, en mijn hartslag neemt toe… ja…nee… NEE ECHT NIET!!! Niet in de metro!!!

Oh wat zou dat fijn zijn, opstaan, iedereen toezingen, en dan weer gaan zitten, met een fijn en rustig gevoel. En wie weet even een rimpel in een stilstaande poel.

De halte van mijn bestemming voorkomt een bloedbad. Mijn hartslag komt weer terug in zijn dagelijkse tempo. Het gevecht is afgeblazen. Voor nu.

Geheeld van mijn schouders, inmiddels dankbaar dat ik de slip met mijn auto heb overleefd en nog steeds herstellende van mijn voet, zit ik op eerste kerstdag thuis in een meditatie waarbij ik zingend keer op keer een mantra herhaal, en ik voel me steeds vrolijker worden. Alle gebeurtenissen van het afgelopen jaar vallen in de vorm van kwartjes en inzichten binnen…

Ik ben erg gewoon om te leunen, om de verantwoordelijkheid af te geven, in iemands schaduw te staan, achter een ander te gaan staan, mezelf kleiner te maken, me op anderen te richten. Dan ben ik sterk. Zoals ik het ken.

Na mijn ontmoeting met Linda ben ik op mezelf komen te staan, op mezelf aangewezen, draag ik verantwoordelijkheid voor mezelf. Dat is even wennen. Niet vreemd om dan tijd nodig te hebben om in balans te komen… dat is lang geleden… Wauw, als ik dit dus nu leer, kan ik steeds meer voor mezelf gaan staan. Rechtop gaan staan. Als ik niet meer leun, dan kan ik niet anders dan naar mezelf luisteren en goed voor mezelf zorgen. Dan doet het er niet toe wat de buitenwereld denkt, want niks is het waard om een ‘misstap’ te maken. Dat heeft mijn gebroken voet me inmiddels wel duidelijk gemaakt.

Ik word steeds vrolijker, en wieg mijn mantra met veel plezier en steeds luidere stem. Ik voel me dronken, onoverwinnelijk, en ervaar de kracht in mijn ruggengraat, het licht in mijn lijf…Andrea’s licht! Jaaaaa, zó gaat m’n bedrijfje heten, Andrea’s Licht! De naam die iemand mij 2 jaar daarvoor had voorgesteld, maar die ik toen veel te heftig vond, voelt nu helemaal passend. Met dronken hart lal ik: Andrea’s Licht is geboren…Andrea’s Licht is geboren…Andrea’s Licht is geboren 🙂

Tot zover eerste kerstdag.

Vandaag 26 januari 2018: Het blijft nog wel even oefenen 😉

 

 

Andrea en Andrea hand in hand de wereld in

Na een paar weken in de stoel voel ik ineens hoe ik samenval met mezelf. Ik zie mezelf als in een stripfiguur, waarbij één Andrea in de lekkere stoel zit, terwijl tegelijkertijd een andere Andrea druk in de weer is met van alles en nog wat. Op dit moment, na die paar weken van rust, ervaar ik dat de beelden van beide Andreas in elkaar schuiven, voel ik hoe ik samenval met mezelf. Lekker geland in de grote witte stoel.

Na dit moment ben ik me er meerdere malen van bewust dat ik weer uit elkaar val.

Ik heb mezelf beloofd deze periode goed voor mezelf te zorgen, wat vooral betekent om zo gezond mogelijk te eten. Met alle hulp om me heen gaat dat hartstikke goed. Tot op een dag dat mijn koelkast leeg is, en ik niet weet wanneer er weer iemand langs komt. Ik twijfel en dub wat ik zal doen, toch een hulplijn opzetten, gewoon iemand vragen… Als dan de telefoon gaat vliegt er een Andrea de telefoon in. De andere Andrea zit nog rustig in de grote witte stoel en kijkt naar de onwerkelijke paniek van de ander. De kasten zitten nog vol met eten, dan is het een dag niet vers, maar van de honger komen we echt niet om hoor!?!

Een ander moment dat ik mezelf uiteen laat vallen is wanneer het om werk gaat. Wanneer ga ik weer aan ’t werk? Ergens van binnen weet ik dat ik nog lang niet aan werken toe ben. Ik wil er eigenlijk niet eens aan denken, maar stripfiguur Andrea is al weggewandeld en met data beginnen te strooien. Langzaam vindt Andrea de weg weer terug naar haar maatje in de stoel.

5 weken op een stoel, 6 weken in het gips, ’t voelde als camino lopen. Een camino waar ik ook nu het liefst geen einde aan had zien komen. Het was niet altijd makkelijk, maar grotendeels fijn, mooi, verrassend, licht, liefdevol en rustig… zen. Tuurlijk met huilbuien en frustraties af en toe, maar nooit dat ik er van weg wilde, altijd eindigend in een ontknoping, een inzicht, een glimlach of hardop-lach. Van verschillende kanten hoor ik dat de ander zoiets nooit had gekund, met zoveel rust zo lang in een stoel blijven zitten. Ik vond het fijn.

Ik zie op tegen het moment dat het gips eraf gaat. Het gips, in het begin zo vreselijk, is nu de kracht en bescherming van mijn inmiddels slap geworden pierevoetje. Mijn been met al zijn spieren en beweeglijkheid heeft zich in die weken helemaal overgeleverd aan de sterke omarming van het gips. Hoe gaat mijn been dat ineens weer zonder doen? Als ik met mijn ogen dichtgeknepen (nee ik ben geel held!) wacht totdat de gipsmeester klaar is met zagen, kijk ik op en voel een enorme liefde in me op komen. Alsof ik een pasgeboren baby voor me heb liggen, die ik alleen maar wil vasthouden, strelen en koesteren.

4 Jaar geleden had ik niet echt een reden om naar Spanje te gaan lopen, behalve dan dat ’t idee om te gaan heel sterk aan me trok. Onderweg hoorde ik van pelgrims over hun redenen, hun problemen, hun zoektocht, hun hoop op antwoorden, oplossingen, verlichting van bestaande zwaarte. Voor mij was de camino hoofdzakelijk een feestje. Niet zonder tranen en frustratie, maar altijd gepaard met een inzicht, een lach of een lied. Van velen hoor ik dat ze zoiets nooit zouden kunnen, een half jaar lopen. Ik vond het fijn.

Mijn struggle begon toen ik terug was in Nederland.

Mijn struggle begint nu wanneer ik de stoel uit mag…

Ik loop 1,5 km per uur en ik vind het heerlijk!

Met 2 krukken loop ik door de straten van de rivierenbuurt, en aan alle kanten wordt er rekening met me gehouden, ontstaan er mooie gesprekken op onverwachte momenten, aanmoedigende opmerkingen, oplettende ogen van een meisje of ik binnen de tijd van het stoplicht de overkant zal halen, en ook meelijdende blikken van mensen die zich niet in kunnen denken hoe heerlijk deze traagheid is. Ik geniet van de wind weer door mijn haren, van mijn rust en het moment, en ik kijk geamuseerd vanuit mijn trage slakkengang naar de snelle wereld om me heen.

En dan is er de dag dat ik besluit ’s middags naar de film te gaan. De korte ochtend die ik heb, is snel gevuld met achterstallig en bureaucratisch irritante administratie. Ik maak me al snel weer druk om dingen die niet te veranderen zijn. Als ik me klaar wil maken voor de film ontdek ik dat ik nog maar 3 kwartier heb. De bioscoop is 1,5 km ver dus kost me een uur lopen! Na een flink dipmoment word ik boos, grijp mijn tas en stokken en begin aan de trap afdaling, ondertussen hardop tegen mezelf: rustig, rustig Andrea, rustig.

Ik besluit de tram te nemen, iets wat ik tot dan toe nog niet gedurfd heb. De conducteur neemt het van me over, rustig, rustig maar… Hij stuurt iemand van de gehandicapte stoel weg en houdt de tram staande totdat ik een plekje gevonden heb. Al voor ik bij de betreffende halte ben om uit te stappen, ga ik staan en weer gebaart de conducteur me om rustig aan te doen en weer te gaan zitten. Als ik eenmaal ben uitgestapt, ontdek ik dat ik een halte te vroeg ben uitgestapt en nog een aardig stukje te lopen heb. Ik vertel mezelf weer rustig te blijven (dat lijf wil gewoon even een sprintje trekken!) en probeer mezelf ’t vertrouwen aan te praten dat ’t goed is zoals het is, en dat ik de film wel haal als het zo moet zijn. En anders heb ik de winst dat ik door deze hele tramonderneming op een plek ben gekomen waar ik al 2 maanden niet geweest ben!

Bij de kassa hoor ik dat ik nog 2 minuten heb, een stuk met de lift en een trap voor de boeg. I push my luck, en waag ’t erop eerst nog naar de wc te gaan. Uiteindelijk bij de trap aangekomen, blijkt de zaalman de traplift voor mij te hebben klaargezet! Als ik de zaal in loop, kijken allemaal hartelijke begripvolle gezichten mijn kant op. De zaalmanager komt binnen om te zeggen dat we wat later beginnen en dat daarom het voorprogramma vervalt. Dat lijkt niemand een probleem te vinden. Integendeel.

Ik zit, t licht gaat uit, en de tranen komen boven drijven. Aan Amsterdam heeft het niet gelegen… ik ben ontroerd van alle hulp en begrip onderweg. De film begint: ‘Walk With Me’ over Thich Nhat Hahn, een verbannen Vietnamese boeddhistische monnik die in Frankrijk een klooster heeft opgericht. De film opent met een trage mindful wandeling. Daar wil ik zijn!!! En ik weet, daar wil ik niet zijn, nou ja, misschien een paar weken, maar wat ik echt wil, is in rust zijn, samenvallen met mezelf, waar ik ook ben, met wie ik ook ben. In de tram voelde ik dat een deel van mij nog steeds in de grote witte stoel in de keuken zat. Ik was weer uit elkaar gevallen.

Acceptatie

Ik word wakker met de gedachte: ik wou dat ik in een klooster zat… Waarna ik me gelijk realiseer dat ik daar ook met mezelf te maken heb, dat ik dan ook niet ‘even naar de wc kan lopen’, dat ik dan ook moet dealen met de kuren van mijn voet, dat dan ook de stilte in mezelf niet altijd voorhanden is, dat ik dan ook niet weg kan lopen voor m’n zware momenten…

Bovendien, ik zit in een klooster, een heel gezellig, rommelig en stoffig klooster, naast een zonnig balkon, met hele lieve vrienden in de buurt en heel lekker eten!

Sinds een week mag ik langzaam gewicht geven op mijn voet. 6Kg per dag erbij. Van een vriend een weegschaal gekregen. Bij dag 3 ben ik blijven hangen. Voelt niet fijn om meer gewicht te geven, maar het voelt ook niet fijn om me niet aan het schema te houden…. Ik wil het graag goed doen, èn ik wil dat het goed voelt. Maar in hoeverre klopt mijn gevoel nog, sinds mijn voet als een dood vogeltje in het gips zit opgesloten? Ik wil graag helderheid: Òf de hele dag met mijn voet omhoog, òf lopen, òf laat het schema samenvallen met mijn gevoel… maar zó wil ik het niet!

Ik ben in een nieuwe confronterende fase beland. Geduld, accepteren en opnieuw naar binnen.

Deze week denk ik terug aan mijn zus Barbara. Inmiddels al weer 18 jaar geleden overleden. Het ondenkbare, meest onvoorstelbare is gebeurd. Een aantal opeenvolgende jaren maak ik op haar sterfdag een wandeling, en bij elke wandeling krijg ik inzichten, vallen er kwartjes. Zo ook het 2e jaar na haar dood tijdens een wandeling in een park in Schiebroek.

Ik ben al een hele tijd erg moe, eigenlijk al sinds het overlijden van Barbara. Ineens word me tijdens het lopen helder dat ik al die tijd bezig ben geweest met het niet willen dat het gebeurd is. Ik ben al die tijd aan t vechten tegen haar dood. Alsof ik het terug zou kunnen draaien! En wat een energie dat dat kost…

Ik vond het zo oneerlijk, dat ik niet wilde accepteren dat het zo was. In die tijd was ik niet de vrolijkste persoon. Iemand van het glas half leeg, hooguit. Jaren daarvoor had ik een keer een deal met ‘boven’ gesloten, dat ik niet zelf uit het leven zou stappen, met het tegenverzoek of ze het (het leven) dan niet al te lang wilden laten duren…

En nu was mijn zus dood.  Zij die heel graag wilde leven! Zij die een gezond leven leidde, regelmatig sportte, nauwelijks dronk en net een mooie dochter had gekregen. In tegenstelling tot mijzelf die ’s ochtends als eerste een shaggie draaide, met enige regelmaat ’s nachts boven de plee hing na weer eens te veel te hebben gedronken, geen dagritme kende, en ’t liefst op pizza en koffie leefde.

Tijdens die wandeling accepteer ik dat Barbara er niet meer is, en bedenk dat het enige wat ik voor haar kan doen, is mijn energie gebruiken om in haar plaats te genieten van mijn eigen leven.

Een half jaar later ga ik naar Kenia om vrijwilligerswerk te doen. Iets dat al lang op mijn verlanglijstje staat. In Kenia leer ik ‘de andere kant’ van het leven kennen. Werk ik met kinderen voor wie honger en dorst de drijfveren van de dag zijn. Nooit heb ik gelukkiger kinderen ontmoet dan daar. Op een begrafenis raak ik met een vrouw in gesprek. Zij vertelt me hoe 1 van haar 2  jonge kinderen binnen 24 uur aan een goed te behandelen ziekte is overleden. Ik zie haar stralende en krachtige verschijning, en, met mijzelf en mijn gebroken moeder in gedachte, vraag ik haar hoe dat mogelijk is om er zo krachtig bij te staan na zo’n enorm verlies. Door haar reactie heen schemert haar verdriet en ze zegt heel eenvoudig en vanzelfsprekend ‘ik heb nòg een kind’.

Was mijn glas ooit bijna leeg, sinds deze reis is mijn glas altijd boordevol.

En dan zit ik hier in mijn stoel, te worstelen met opbouw schema’s en gevoel…