Samen

Ja, ik schrijf nog steeds… mijn schrijfblok vol van onaffe verhalen… vandaag is de naamdag van Maria Magdalena. Een dag waarop ik me extra uitgenodigd voel mezelf zichtbaar te maken, mijn hart te volgen, mijn angst aan te kijken. Ik wil schrijven, maar er zit iets tussen… iets tussen ‘in mij’ en ‘buiten mij’. Ik pak mijn schrift en ga na zoveel tijd eens kijken wat er staat…

~~~~~~~~

2020

Een stralend blauwe lucht, de naakte takken met het dappere jonge groen. Een paar weken terug liep ik als bosvrouw-uit-de-stad door het bos, toen ik ineens een enorm geknetter hoorde. Ik ga op het bospad zitten , me afvragend wat het toch is wat ik hoor. Zijn het de lagen dooie bladeren die als collectief aan t breken zijn door de droogte misschien? Zijn het de bomen die een nieuwe jaarring aan ’t vieren zijn? Het geknisper is nog een paar dagen goed te horen, waarna het geluid ineens snel afneemt. Later leer ik dat dit het “knappen”, het uitspringen, de geboorte van de jonge blaadjes is. Wauw, wat een mooie ervaring!

En nu zit ik onder een stralend blauwe lucht, omringd door krachtige takken met al hun kleine vrolijke grut aan tafel te schrijven. Ik heb net een inspirerend blog van een vrouw gelezen, dat me diep raakt. En het brengt me bij een donker stuk van mezelf.

Allereerst het grote verlangen om zo te kunnen schrijven als zij. Zij die mensen weet te raken met haar visie en wijsheid.

Mijn schrijven is het delen van mijn reis, mijn zoektocht, mijn ervaring. Ergens zit hier mijn oordeel op. Wie zit er te wachten op deze ego-trip? Is het dit oordeel waardoor ik het zo lastig vind te schrijven? Of is het juist mijn ego die niet wil dat ik mijn diepste roerselen naar buiten breng…

Ik kom in contact met een diep verdriet. Of is het angst?

Door deze wereldwijde heersende crisis gaat straks iedereen vinden wat ik al wist. Ik voel de onmacht dat ik het niet heb over kunnen brengen. Tegelijkertijd voel ik angst, ben ik straks niet meer nodig?

Ik heb een sterk gevoel dat ik alsmaar achter de feiten aanloop. Dat ik toeschouwer ben van een film die ik ken, en bij elke stap en elke nieuwe scene denk oja….oja….oja….

Als iedereen straks weet wat ik weet…

Er komt een paradijs.

Ik heb zo verlangd naar eenwording, liefde, een liefdevolle samenleving. Maar het beangstigt me ook. Ik ken geen echt ‘samen’.

Opgegroeid met hiërarchie. Je bent goed genoeg of niet goed genoeg. Ik weet iets wel of ik weet iets niet. Ik kan iets wel of ik kan iets niet. Ik sta òp het podium of ik sta ervoor. En ben je goed genoeg, weet je iets, kan je iets of sta je op het podium, dan heb je wel iets waar te maken!

Ik ben inmiddels vertrouwd met dingen ‘te weten’, tegelijkertijd met een grote angst om op het podium te gaan staan.

Maar bij ‘samen’ is er helemaal geen podium…. Ook dat voelt spannend! Is het makkelijker om me vast te blijven houden aan mijn podiumvrees, dan te durven gaan voor ‘samen’?

In mijn proefscriptie van de theaterschool, zo’n 20 jaar geleden, open ik met de tekst ”de mens wordt geleefd door angst”.  Dat leverde een vette discussie op, de artistiek leider was het hier totaal niet mee eens! Voor mij was dat toen een waarheid. En hoe meer tijd verstrijkt, hoe meer ik de betekenis van mijn woorden van toen herken. Nu, in de wereld, om me heen, en bovenal weer bij mezelf.

~~~~~~~~

Dit schreef ik een jaar geleden. Het raakt me, dat ik nu weer bij dat zelfde punt ben aangekomen… of bij dat punt ben blijven hangen.

Maar dit keer neem ik de volgende stap, dit keer ga ik mijn verhaal delen.

Zeker als ik nog even verder lees in mijn schrijfblok in de lente-lockdown van 2020:

Ik ben op aarde om te leven,

om lief te hebben,

om te dansen,

om te zingen,

om te vertrouwen,

om te ontdekken in plaats van te controleren.

En na een waanzinnige reis op aarde ga ik dood,

net als iedereen.

En ik weet niet wanneer, maar

laten we dansen, laten we zingen, laten we elkaar vasthouden.

Zullen we weer elkaars engelen zijn?

Een warme, broeierige dag in het bos. Ik begin langzaam te wennen aan de hitte, na de snelle overgang van vorst naar hoogzomer. Ik hou van de warmte, maar vind het ook fijn om er naar toe te groeien, samen met al het leven om me heen. Dit jaar geen lente, voor de planten niet, voor mij niet. Gelijk in bloeistand! We doen het er mee.

Er komt niet veel uit mijn handen, en ‘s middags stap ik toch nog even in de auto, nee, op de fiets natuurlijk, onee, in de auto, of toch op de fiets, eh ja, eh nee, eh…, iets aan mijn conditie doen…eh warm…eh, aantal winkels… eh lui… milieu ook nog zoiets…

Eind van de middag stap ik dus in de auto om nog even wat winkels af te rijden. Als ik mijn laatste ‘to do’ heb gedaan, de winkels achter mijn rug sluiten en ik naar de parkeerplaats loop, zie ik een vrouw staan. Mooie uitstraling, met rolkoffer en telefoon aan haar oor. “Die kan wel met mij meerijden”, komt er in mijn hoofd op.

Hum, das gek, waarom denk ik zoiets? Daarna voel ik de pijn, het verdriet, bij het idee dat àls zij een lift nodig zou hebben, en ik die zou kunnen geven, dat de wereld nog niet zo ver is, dat we elkaar dan zullen vinden…

Op het moment dat ik in mijn auto wil stappen, zie ik de vrouw in mijn ooghoeken naar me toe lopen en vraagt me of ze iets heel ongebruikelijks  mag vragen. Ik draai me naar haar om, en zeg dat ze me alles mag vragen. Een klein stemmetje in mijn hoofd laat nog even weten dat ik dat niet altijd zo maar tegen iedereen kan zeggen. Ja, ze heeft de laatste regio bus gemist, en moet naar het Boshotel.

Ik zeg direct dat ze in kan stappen, en ga achter het stuur zitten, wachtend tot ze haar plek in de auto heeft gevonden. Ik bedenk even dat het voor haar misschien wel heel raar is, dat ik zo snel reageer. Maar ja, ik wist al dat ze mee ging rijden! Ik kan moeilijk verbaasd en ‘moeilijk’ gaan zitten spelen.

Compleet gelukkig en vereerd voel ik me, dat ‘mijn wereld’ op dit moment realiteit geworden is!

Oh, wat is dit heerlijk! Mijn wereld bestaat!

De rit is kort, en we wisselen een paar dingen uit. Dat ze even een nachtje in de stilte komt logeren. Dat ik hier nu ruim 2 jaar woon. Zij uit Amsterdam. Ik uit Amsterdam.

Ze zegt me dat ik vandaag haar engeltje ben, en ik antwoord spontaan, dat ik dat heel erg fijn vind, om vandaag haar engeltje te kunnen zijn!

Wie is hier wiens engeltje???

Ze wil me graag bedanken en iets geven. En direct daarop zegt ze, dat ze weet dat ik dat niet wil. Maar, laat zij nu iemand zijn, die voor haar beroep ‘bedankjes’ maakt! Daar kan en wil ik natuurlijk niet onderuit, dus wisselen we gegevens uit.

Dol gelukkig sta ik even later op de ladder om het dak van mijn huisje schoon te vegen. Hoe mooi is de wereld! We creëren hem zelf.

Zullen we vandaag elkaars engeltjes zijn?

TSUNAMI

Momenteel komt er zoveel langs aan informatie over wat er gaande is in de wereld, in ons, in mij.

Zelf ben ik aan het leren wat mijn rol mag zijn in dit geheel, in deze tijd.

Toen 2020 begon, had ik sterk het gevoel van ‘kom maar op, ik ben er klaar voor’. Er stond iets te gebeuren, dat wist ik, maar wat, dat wist ik niet. Het woord Tsunami kwam een paar keer langs, en daar probeerde ik me een voorstelling van te maken. Dat er een virus in ons leven zou komen, had ik nooit kunnen verzinnen. Maar ik weet nog het opgewonden gevoel in maart van ‘hèhè, het is zo ver’.

En ja, er is veel gebeurd dat jaar, ook met mij. Niet een makkelijk jaar, wel een uitdagend jaar, met altijd dat sterke onderliggende gevoel, dat we ons naar iets moois aan het bewegen zijn. In mijn werkelijkheid bewegen we ons naar het paradijs op aarde. En ja, dat gaat niet altijd zachtzinnig. Anders hadden we dat paradijs al lang met elkaar gecreëerd 🙂

Mijn overtuiging is, dat alles goed is. Dat iedereen de plek in neemt waar die voor gekozen heeft of voor kiest. Samen vormen we een prachtige machine, waar geen onderdeeltje van gemist kan worden.

In de verleiding gekomen door zoveel informatie, heb ik afgelopen week een paar keer berichten gedeeld met vrienden die ik anders nooit zou delen.

Door de reacties die ik kreeg en niet kreeg, wordt me steeds duidelijker wat ik doe, en hoe het werkt bij mij. 

Ik vind het fijn om te proberen het onder woorden te brengen.

Waarschijnlijk herkenbaar: Er komt van alles bij me langs aan informatie. Of het nou over vaccinatie gaat, of de lock down, de verkiezingen in Amerika of de PCR test, scholen open of dicht, geblokkeerde accounts en meer, ik duik daar oppervlakkig of diep in, afhankelijk hoe en of het resoneert. Soms heb ik de sterke neiging om de informatie te delen, maar die neiging is meestal een dag later weer weggeëbd.

Als ik helemaal door de betreffende ‘werkelijkheid’ ben gereisd, kan ik er weer uitstappen en er met afstand naar kijken. 

Zo leer ik over alle werkelijkheden die er naast elkaar bestaan. Elke werkelijkheid is werkelijk, elke werkelijkheid is waar. Werkelijk waar. Ieder mag en kan zijn eigen werkelijkheid kiezen en creëren.

(wat ik eens als een verhelderend inzicht heb ervaren, is het ontdekken dat mijn broer en zussen met één vader allemaal een totaal andere vader hebben gehad (beleefd) dan ik. Daarmee hebben we een heel andere werkelijkheid, die alle vier even waar zijn.)

Door het te zien, mogen ze er zijn, alle werkelijkheden, de ene keer gevoed door angst, een andere keer door liefde, en ook de chaos die het tegelijk bestaan van al die werkelijkheden momenteel te weeg brengt. Mijn uitdaging is om alles in liefde te laten zijn en te laten gebeuren. 

Het filmpje dat ik stuurde, ging over de verkiezingen in de VS, en is één van vele waarheden. Het resoneerde enorm bij mij. Waarom? Enerzijds omdat het verhaal net zo bizar is, als het idee van lock down en mondkapje een jaar geleden zou zijn geweest. Weer dat gevoel van “nee, het is niet waar….!!!” En het is realiteit geworden. 

Wie weet dit verhaal ook.

Het maakt mij niet uit of het waarheid wordt of niet. Ik denk dat het voor sommigen realiteit wordt en anderen zullen iets heel anders ervaren. Zoals ik al schreef, iedereen creëert zijn of haar eigen werkelijkheid.

Daarmee kom ik bij de andere reden, waarom ik zo blij en opgewonden van dat filmpje werd. Dat is omdat het mij iets laat zien, wat ik zelf nooit had kunnen bedenken. Ik weet dat we naar het paradijs op aarde aan het bewegen zijn. Hoe dat gebeurt… geen flauw idee. Dat kan ik niet bedenken. Net zo min als ik het virus, het mondkapje en de lock down had kunnen verzinnen. Dit filmpje helpt mij, om mijn beperkte verbeelding weer verder op te rekken, om nog meer beperkende en vastzittende ideeën, veronderstellingen en kortzichtigheid los te weken.

Toen ik het filmpje stuurde zat ik nog ‘in het verhaal’. Nu kijk ik er weer naar vanaf mijn eigen plek, en mijn eigen waarheid. 

Ik zal geen filmpjes meer delen. Zeker niet ongevraagd. Moest het blijkbaar een keer  doen om uit te zoeken hoe het voor mij zit.

Hoe dan ook, van welke plek dan ook, ik kijk vanaf mijn thuishaven, mijn paradijs, mijn hart, nog steeds naar een superspannende film, waar ik af en toe even helemaal induik, soms helemaal opgewonden door raak, en soms door de pijn en het verdriet wordt meegezogen. Maar waarbij ik bovenal vol vertrouwen uitkijk naar het vervolg.

Aquarius

Mijn eerste indruk-makende film in de bioscoop was Bambi. Samen met mijn moeder. Intens verdrietig herinner ik me nog.


Mijn tweede grote belevenis in de bioscoop was Hair. Samen met mijn vader en grotere zus Ciel. Ik zat nog op de lagere school denk ik. Waarschijnlijk wisten mijn ouders praktisch gezien even niet wat ze die middag met me moesten, en mocht ik daarom mee naar Hair. Zo spannend! Naar de bioscoop was bij ons al een uitzonderlijke gebeurtenis. En met mijn vader al helemaal!

Ik weet nog goed dat de muziek heel hard stond, en ik zat in spanning te wachten op het moment dat mijn vader midden in de volle zaal op zou staan, en aan de technicus zou vragen of het geluid niet wat zachter kon… Dat deed ie gelukkig niet 😅

Toen kwam er ook nog bloot in voor!!! 🙈 Ook hier bleef mijn vader gewoon zitten… 😊


20 jaar later maak ik als theatermaker met een studentenvereniging een eigen versie van Hair. Wat een feest om die wereld op toneel weer tot leven te brengen! In het dagelijks leven is er weinig meer van over, van de vrije en kritische geesten en de liefde als voermiddel. Als ik na één van de voorstellingen een interview beluister, gehouden met 1 van de spelers, zakt de moed me in de schoenen…

Ik was toen ook niet bewust wat ik nu allemaal weet, heb vooral veel vanuit mijn intuïtie gewerkt, en geprobeerd zo veel mogelijk aan de spelers duidelijk te maken waar de hippies op reageerden destijds. Maar deze speler zegt enthousiast tegen de interviewer: Zo’n leuk verhaal, en zo geschikt voor studenten, omdat het eigenlijk nergens over gaat!

Die tijd is 20 jaar geleden. Zoveel gebeurd sindsdien. Hallelujah, I am ready for Aquarius ❤️❤️❤️

Wisseling van de wacht

Een half jaar geleden kreeg ik een lied toegestuurd van een vriendin. Het lied dat de dochter van Liesbeth List, Elisah, op de begrafenis van haar moeder zong.

Ik heb het zeker wel 100 keer achter elkaar afgespeeld, en kon niet meer stoppen met huilen. Tranen en nog meer tranen, zoveel tranen die allemaal stuk voor stuk gehuild wilde worden.

Het is ruim 20 jaar geleden dat mijn zus Barbara overleed. Voor mij gebeurde het ondenkbare, het onvoorstelbare, het onbegrijpelijke, ongrijpbare. Mijn zus, ogenschijnlijk gezond, zij die net een dochtertje had waar ze zo lang naar had uitgekeken, zij die zo graag wilde leven… zij wel.

Oud verdriet, nieuwe lagen. Veel herinneringen, aan Barbara, aan die tijd, aan alles daarmee verbonden. Alsof ik destijds nog niet alles eruit had gehuild, deed ik dat nu.

Kort geleden is er het bericht dat mijn andere zus ziek is. Erg ziek. Het is onwerkelijk. Sterke vrouw, stralend bruin hoofd van het zeilen, eindelijk haar leven weer op de rit na een pijnlijke scheiding, zin in de nieuwe fase van haar leven. Ziek.

Weer komt het lied van Elisah voorbij, en weer komen de tranen. Dit keer komen er veel oudere herinneringen boven, van hoe het eens begon. Hoe we met 4 spelende kids aan tafel zaten. Nog geen idee…

Vandaag komt het lied voor een 3e maal langs, ik luister en weer komen de tranen. Dit keer weet ik niet waarom ik huil.

…ik moet het zingen…ik moet het lied zingen…ik moet het lied zingen… En dwars door tranen heen zing ik het lied voor het eerst zelf, en een 2e keer, en een 3e keer, en…

Ik zing net zo vaak, net zo lang, achter elkaar door, eerst in de schuur en daarna in het bos, totdat ik geen stem meer over heb. Als ik aan het eind van de dag thuis zit, met een rauwe keel, zonder stem, dringt het tot me door… Ik neem afscheid van mezelf.

Afscheid van een Andrea waar ik al die jaren zo aan gewend was, die ik zo goed kende, waar ik me zo vertrouwd mee voelde, haar angsten, haar facades, haar twijfels, haar verschuilen, haar grapjes, haar vastbijten, haar onzekerheden, haar gewoontes, haar zwaarte en haar lichtheid…”Vandaag begraaf ik jou in mij

Blijkbaar is er een andere Andrea wakker aan ’t worden, en het lijkt erop dat ze klaar is om het stokje over te nemen…

Wisseling van de wacht ♥

Angst of Liefde

In 2010 was ik in Kaapstad Zuid Afrika. Ik bezocht daar de gevangenis op Robben Island, waar Nelson Mandela zo lang heeft vastgezeten. Daar te zijn was al indrukwekkend, in zijn cel te staan onbeschrijfelijk. Ik werd rond geleid door een man, die daar in diezelfde tijd ook gevangene was. Hij vertelde ons dat zowel de gevangenen als de bewakers na de vrijlating daar zijn blijven wonen. Het idee daarachter was, dat beide partijen slachtoffer waren van apartheid, en hoe mooi om elkaar te vergeven en samen te leven. Ik was toen perplex, en vroeg de man of dat niet ongelofelijk moeilijk was geweest.

Dat was het… ziekmakend moeilijk…

Zo bijzonder mooi, dat ze het wel gedaan hebben.

Ik probeer de beelden van de laatste 10 minuten van het leven van George Floyd niet te zien. Ik heb zo’n last van die beelden op mijn netvlies. Ik heb nauwelijks filter om er tussen te zetten. En wat kan ik met die beelden? Het maakt me geregeld boos, dat afschuwelijke beelden zo vaak herhaald worden, en ik daarmee lastig gevallen word.

Als spiritueel leraar Mooji in een filmpje de laatste 10 minuten van het leven van George Floyd beeldend onder woorden brengt, kan ik er niet onderuit, en realiseer ik me, dat het juist de bedoeling is, om zoveel mogelijk binnen te laten komen van deze afschuwelijke gebeurtenis. Hoe gruwelijk ook, hoeveel pijn het ook doet. Door er naar te kijken, echt te kijken, echt te zien, doe ik recht aan de stervende man, en al het leed dat in hem samenkomt in die laatste 10 minuten op beeld. Leed van zolang racisme, zo lang onderscheid, zo lang oordelen, zolang vernedering, zolang niet mogen zijn wie je bent, nu samengebald in de laatste 10 minuten van deze man.

Ik probeer er naar te kijken, echt te kijken, echt te zien, voor zover het me lukt.

Ik leid de beelden door mijn hart, waardoor er licht op kan komen, en ik bedank deze man, de man die zijn leven heeft gegeven, waarmee hij ons allemaal duidelijk maakt dat de grens niet verder meer opgerekt kan worden.

Ik bedank hen die de beelden hebben gemaakt. Omdat ook zij hun levens hebben gegeven, door er bij te staan, en getuige te zijn van deze 10 minuten. Ik hoop dat ze de slaap weer kunnen vatten, de beelden keer op keer langs hun hart kunnen leiden, erop kunnen vertrouwen dat deze 10 minuten de wereld zullen veranderen en niet voor niets zijn geweest.

En ik bid voor de mannen in uniform ter plaatse. Dat hun angsten oplossen. En dat zij, en de nabestaanden, en wij allemaal de beelden keer op keer door ons hart kunnen leiden.

Een immense opgave. Maar de liefde is groots. Laten we elkaar daarbij helpen. Zoals toen op Robin Island. Zoals op 1 juni op de Dam. Bijzonder dat zovelen de liefde boven de angst voor het coronavirus hebben laten klinken.

Hoe lang bestaat het racisme virus al en hoeveel mensenlevens heeft dat gekost, vraag ik me af…

Ik ben perplex om op tv en social media te zien, dat de angst voor het coronavirus blijkbaar toch ook zo groot is, dat zoveel mensen vooral bezig zijn met het functioneren en onderuithalen van de burgemeester van Amsterdam…

Of zijn al die mensen, net als ik, bang. Bang om de beelden te kijken, echt te kijken, bang om echt te zien.

Laten we dansen

Het nieuwe normaal, echt niet normaal!

Laten we het dan in ieder geval het tijdelijke abnormaal noemen….

Ik heb me met liefde overgegeven aan de nederlanse intelligente lock down, voor mij een welkome opgelegde retraite. Ik geniet van de rust, de schone lucht, het blije bos en mijn eigen proces. Fijne dagen afgewisseld met dagen die pittig zijn, omdat ik geconfronteerd word met mijn eigen angsten, oude patronen en overtuigingen. Deze periode doet mij goed en voelt goed voor de aarde, voor de natuur, voor onze woonplek. We hebben allemaal bijzondere tijd gekregen om de aarde en onszelf te helen. Heel de aarde, dan heel je jezelf en andersom.

Alles is één en verbonden met elkaar.

Wij zijn één en verbonden met elkaar.

Wat er straks ook gaat gebeuren de 28e… ik ben zelf niet voor een 1,5 meter maatschappij. Dat voelt na deze periode niet meer gezond. Ik ben hier op aarde om te leven, om te leren lief te hebben, om te dansen, om te zingen, om te leren vertrouwen. Ik wil mijn liefde delen ipv bang zijn, en ontdekken ipv controle houden.

En na een waanzinnige reis op aarde ga ik dood, net als iedereen. Dàt is normaal. Ik weet niet wanneer, maar laten we zolang we hier zijn samen dansen, laten we zingen, laten we elkaar vasthouden.

Wat ’t de 28e ook wordt, ik respecteer ieders eigen visie daarop, maar al kan 1,5 meter afstand soms helend werken, het was niet normaal, is niet normaal en wordt ook niet normaal.

Mijn dans voor rouw en afscheid https://www.youtube.com/watch?v=cWR5l3jFehE

Mijn dans voor het leven https://www.youtube.com/watch?v=vAKdX2pzKw8

Oeps… ik ben blij

Eind 2013 stopte mijn wandeling en kwam ik terug in Nederland. Ik wist niet wat me overkwam… wat een geweld aan geluid, drukte, stress, snelheid, stenen, beton en asfalt, auto’s, mensen afgesloten, in hun mobiel verscholen, het overdreven aanbod in de winkels… het was alsof ik me in een science fiction film bevond…

In de jaren die volgen leer ik een manier te vinden hoe ik me in dit geweld staande kan houden, leer ik opnieuw de rust en de stilte, die ik tijdens mijn wandelen heb leren kennen, in deze waanzinnige kermis terug te vinden.

Op oudejaarsdag 2019 heb ik ’t gevoel dat ik een opleiding heb afgerond. Ik weet niet welke opleiding, maar ik weet dat ik er klaar voor ben. Waarvoor ik klaar ben, weet ik ook niet, maar dat er iets groots gaat komen staat voor mij vast.

En dan is het 12 maart, de dag dat een reusachtige tanker tot stilstand wordt gebracht, en ik kan alleen maar denken “hè hè, eindelijk! eindelijk is het zover”.

En ik voel me blij.

De wereld wordt tot rust gebracht.

Dat weekend logeer ik bij mijn moeder, en samen onderzoeken we wat er gaande is. Afwisselend schiet ik in de stress en is mijn moeder heel laconiek, en dan weer is mijn moeder gestrest en ben ik weer de rust zelve. Ondertussen leert mijn moeder in haar mouw te hoesten en ik excessief (obsessief??) mijn handen te wassen. Tussendoor voelt het allemaal heel onwerkelijk en hebben we grote lol, tot aan de slappe lach, die niet meer ophoudt bij het idee dat we 2 weken samen in quarantaine zouden moeten. Oh wat lijkt me dat leuk! En fijn.

Maar ik weet ook dat mijn plek nu, juist nu, in de bossen is. Ook hierbij weet ik niet precies het waarom.

Voor het slapen gaan staan we wat onwennig en houterig tegenover elkaar. Mogen we elkaar nu wel of niet knuffelen, zoals we normaal doen voor het slapen gaan. We doen het. We sluiten de nieuwe indringer even buiten ons.

Als we de volgende dag afscheid nemen, doen we dat zonder knuffel. Met een 🙏 groet. Een bijzonder moment. Ik voel een enorme liefde voor mijn moeder, en een groot respect naar de natuur.

Zo ervaar ik wat er gaande is, als een heel logische ‘nu is het genoeg’ van de aarde.

De olietanker is nog steeds aan het uit-varen. Ik zie en hoor dat het effect op mensen groot is, en ook heel persoonlijk. Iedereen lijkt hierin zijn eigen weg te gaan, en te worden geconfronteerd met eigen angsten, eigen schaduwkanten.

Ook ik.  Oude angsten laten zich snel duidelijk zien… bang om het niet goed te doen. Ik wil niet dat iemand door mij risico loopt! Ik vind het lastig de regels te combineren met mijn eigen sterke intuïtie. Ja, want ik zou het wel eens verkeerd kunnen hebben… ik schiet van mijn hoofd naar mijn hart en weer terug, van het lichtveld naar de aardse realiteit. De omgeving daagt uit: de één die afstand houdt, de ander die staat te snotteren in de winkel, een uitnodiging om ergens te komen eten, en mijn moeder die besloten heeft geen bezoek meer te ontvangen. In mijn bos is alles goed, en stroom ik op een grote golf van zorgeloze liefde. Ik neem het als een uitdaging om nog beter te gaan voelen, en nog meer te vertrouwen.

Dan is er mijn angst om mezelf te laten zien… Als ik bedenk hoe leuk het is om liedjes aan de deur te brengen… oja, en ik heb een wandelbedrijf… wat houdt mij toch tegen dit in de praktijk te brengen?

Schaamte omdat ik het in deze bizarre tijd hier zo goed heb in mijn kleine paradijs. Schaamte omdat ik juist nu zo blij ben!

Ik denk terug aan mijn tijd in Kenia, een plek waar honger en dorst de belangrijkste drijfveren van de mensen daar waren. Ik ontmoette een moeder die één van haar kinderen onnodig verloor, en mij met veel energie en blijheid de hut liet zien waar ze woonde. Ik had zelf kort daarvoor mijn zus verloren, en vroeg hoe zij zo positief in het leven kon staan. Waarop ze met grote vanzelfsprekendheid zei ‘Ik heb nog een kind’. Toen ik daarna terug in Nederland was, bleek mijn beker van meer dan half leeg, in goed gevuld te zijn veranderd. Ik wist dat de mensen in Kenia hùn leven leiden, en ik niks kon en hoefde te veranderen daar. Wat ik had te doen, is míjn leven leiden, genieten van wat ik heb, van mijn leven hier, van alles wat er wel is.

Ik hoor van het sluiten van de daklozenopvang tijdens deze tijden van ‘straat- en samenscholingsverbod’, en vind het vreselijk. Ik denk aan de vluchtelingen, in deze tijd van huisplicht…

En ìk ben blij. Ik dans en zing weer in mn kamer. Geniet van de lente, de vogels, de bomen en de blauwe lucht. Voel de spanning en uitdaging van een nieuwe tijd.

Angst om anders te zijn…

…dit durf ik natuurlijk allemaal niet te delen.

Mijn gevoel zegt dat het tijd is.

20 jaar (of was het gisteren)

Lieve Barbara,

Ik zit nu in de Kaapse bossen bij Doorn. Ben jij daar ooit geweest? Je zou het hier fijn vinden.

20 jaar… 20 jaar jouw verjaardag zonder jou… 20 jaar… als gisteren en tegelijk zo veel gebeurd.

Ons gezin is niet meer wat het eens geweest is. Jij was de lijm, zeg maar de superglue samen met papa, waardoor we met z’n 6en een stevig geheel vormden. Toen jij weg viel, werden de eerste barstjes zichtbaar. Later werden het scheuren. Sinds papa er niet meer bij is, hangen we met z’n viertjes nog met lange touwtjes aan elkaar.

We hebben hard geprobeerd er een nieuw geheel van te maken, maar dat is tot nu toe nog niet echt gelukt.

Dat is soms jammer, verdrietig en pijnlijk.

Ik vind het ook mooi en rijk. Doordat we letterlijk uit ons verband gerukt zijn, zijn we uitgegroeid tot zelfstandige eenheden, zijn onze karakters zichtbaarder geworden en hebben we kunnen groeien.

Ik zeg niet dat dat direct een fijn proces is. Het snijdt, het schuurt, het brandt, het bijt, het kraakt, het raakt.

Ik ben dankbaar wat het me gebracht heeft, jouw dood.

20 jaar…. 20 jaar jouw verjaardag zonder jij erbij.

Jouw dood, lieve grote zus, het heeft me zoveel geleerd. Het heeft me wakker gemaakt. Mijn leven van een glas half leeg, tot een glas half vol. Meestal lekker vol. Het heeft me geleerd te leven in het nu, de kansen te benutten die er zijn, genieten van wat er allemaal wèl is. Het heeft me geleerd lief te hebben. En niks in een kastje te bewaren.

Zo is het voor mij.

Het doet me verdriet dat we deze tijd niet meer met ons overgebleven vier kunnen delen. Dat we zo op onszelf zijn komen te staan, dat we het ‘nieuwe samen’ nog niet gevonden hebben.

Lieve Bar, ik heb je nooit wat gevraagd, al zoveel van je gekregen. Nu wil ik je toch wat vragen. Ik weet dat je luistert. Zou je mij kunnen wegwijzen, mij leren over een nieuw samenzijn, zonder lijm, met de 4 zo verschillende eigenwijze liefdevolle wezens die we zijn, die weten van snijden, schuren, branden, bijten, kraken en raken. Die weten van pijn en verdriet, van liefhebben en plezier, en van het delen van een dierbare herinnering van samenzijn.

Liefs, je kleine zusje

Het beste medicijn

Of ik al geland ben? Ja tuurlijk, ik was al geland voor ik hier woonde!!! Dat zei ik, keer op keer, dat voelde ik, en dat was ook zo…

Inmiddels weet ik beter. Ik zat toen in de wittebroodsweken, op roze wolken met blauwe luchten, hopeloos verliefd te wezen ♥

Nu ontdek ik wat de vraag betekent. Nu ben ik aan het landen en wisselen verliefdheid en grijze wolkenluchten elkaar af. Het luxe kamperen is wonen geworden, ik word me bewust van het verschil tussen de gemakken en uitdagingen van stads- en dorpsleven, en de natuur blijkt in al zijn schoonheid ook een uitdagende leermeester.

Bang voor teken ben ik niet meer. Ja, leuk is het niet. Elke dag even een body check, en weghalen als zich er eentje in me heeft vastgebeten.

Wanneer ik een keer na een teek een rood warm dik onderbeen krijg, lijkt me dat een goeie aanleiding om eens kennis te gaan maken met m’n nieuwe huisarts.

Tijdens ons kennismakingsgesprek vertel ik hem oa dat ik het nog steeds lastig vind, de relatie met een huisarts. Mijn vader was huisarts, zeer geliefd bij patiënten, maar voor zijn eigen gezin leek die rol hem niet te passen. Ik kreeg vaak te horen: wat vanzelf komt, gaat vanzelf weer over. Daar werd ik meestal niet blij van (en dat is denk ik een understatement).

Mijn nieuwe huisarts zegt me, nu ik in het bos woon, dat ik voortaan dichte broek en schoenen zal moeten dragen, en niet ‘dat wat je nu aan hebt’. Mijn nieuwe huisarts zal het vast goed bedoelen, maar ik ben niet in het bos komen wonen om ingepakt in m’n tuin te gaan zitten. Dat kan niet de bedoeling zijn geweest van mijn verhuizing.

Ook raadt mijn nieuwe huisarts mij een antibioticakuur van 2 weken aan. Ik zelf had op een Lyme test gehoopt, maar die blijken heel onbetrouwbaar. Wat betreft antibiotica heb ik een paar jaar terug al besloten dat ik dat niet meer wil. De nadelen vind ik groter dan de voordelen en ivm met Lyme geen garantie dat het werkt, als het al aanslaat. Ik heb afgelopen jaren geleerd over alternatieve middelen, die mede gericht zijn op het versterken van je immuunsysteem.

Lyme wordt wel gezien als een boodschap om beter voor jezelf te zorgen. Zo wordt gezegd dat bij een gezond lijf het immuunsysteem sterk genoeg is, waardoor Lyme geen kans heeft. Daar valt bij mij nog wel wat te verbeteren, aangezien ik sinds de verhuizing nog geen lekkere boodschappen-routine heb opgebouwd. Biologische producten zijn hier niet vanzelfsprekend om de hoek te krijgen, dus dat vraagt een nieuwe blik en onderzoek.

Ook energetisch mag ik beter voor mezelf zorgen, en word daarin ook uitgedaagd door na 50 jaar in de anonieme stad, mezelf nu in het dorp los te laten 🙂 .

Als mijn huisarts me uiteindelijk vraagt waarom ik geen antibiotica wil, is mijn antwoord: omdat ik geloof in het zelfhelend vermogen van mijn lijf.

Leuk en verrassend is zijn reactie: Goh, dan zeg je eigenlijk hetzelfde als je vader!

De 1e stap in de teken-challenge ben ik alvast aangegaan: tegen dokters advies in laat ik de antibiotica kuur aan me voorbij gaan.

Het overwinningsgevoel is nog vers, als de volgende uitdaging al weer klaar staat: de eikenprocessierups heeft zich op de eik voor mijn slaapkamerraam genesteld. Dat snap ik wel, zo’n lekker plekje 🙂 . Maar ja, niet fijn.

Ik lees alles wat los en vast zit over de rups, wat veel bangmakerij is en praktisch heel beperkt, omdat deze explosie in Nederland door velen niet is voorzien. Mijn buurman weet er nog minder van af, en als ik hem wijs op het nest, roept ie enthousiast uit ”Oh, wat mooi zijn ze!!!” Ik bedank hem, en zie vanaf dat moment naast de hinder ook hoe mooi de eikenprocessierups is.

Voorlopig houd ik mijn slaapkamerraam dicht , focus me op het mooie van de rups en vertrouw dat ook deze bezoekers hier niet voor niks zijn neergestreken.

Ja, de rupsen laten zien dat de aarde uit balans is. Dat ons gif, de monocultuur en de met stenen dicht geplamuurde aarde de natuurlijke vijanden van de rupsen hebben verdreven.

Ik zelf voel me steeds meer één met de natuur om me heen, wat maakt dat ik me steeds minder voor kan stellen dat de natuur mij ziek zal maken. Niet als ik in balans ben. Daar werk ik aan.

Ondertussen heb ik jeuk, heb ik allemaal bultjes en gekke plekjes, en voel me supergoed. Ik leer steeds meer vertrouwen, minder vanuit angst te handelen en voel me steeds meer geaard.

Wat vanzelf komt, gaat vanzelf weer weg?

Nee, niet vanzelf. Nog niet. Ik mag nog veel van de aarde leren, en dat is soms best hard werken. Voor nu is dit mijn beste medicijn.