EEN BOOM MET FRANJE

(ik vond een oud gesprek van begin 2025)

Dag Boom

Dag meisje

Ik zoek. Ik weet het niet. Ik zou elke dag naar je komen luisteren. Elke dag in gesprek. Maar elke keer als ik iets beslis om te gaan doen, komt er niks van.

Ho ho ho meisje, even ho.

Stilte

Goed, hier zijn we dan. Jij en ik. In gesprek. Mooi toch? Heel mooi.

Stilte

Ik durf niks meer te zeggen Boom. Op alles wat ik wil zeggen, voel ik dat het overbodig is.

Zeg het toch maar. Dan hebben we ’t maar mooi op papier hahaha.

Ik snap het niet. ’t Lijkt me zo fijn, elke dag in gesprek, elke dag een verhaal, iets concreets, een regelmaat. Maar als ik me dit voorneem, lijkt dat ‘de manier’ om het juist niet te doen.

Haha, regelmaat. Ja, wil je dat echt?

Nee, niet echt. Nou ja, net als al die jaren dat ik zo graag net als anderen wilde zijn. Dat ik zo graag huisje boompje beestje wilde. Ja, dus eigenlijk willen dat ik het zou willen, want iets in mij, diep in mij wil dit juist helemaal niet.

Precies! En dat diep in jou, dat wil geboren worden. Dat wil gezien.

Het is echt nog meer handvaten loslaten hè?

ALLE handvaten

Ik moest van de week denken aan de tijd toen Bar net was overleden (”99). Het onmogelijke en meest onvoorstelbare was gebeurd. Barbara was dood. Ik had het gevoel dat de bodem onder m’n voeten weg was geslagen. Het voelde als jelly, als een loopbrug van losse planken waarbij je niet weet hoe diep je bij de volgende stap weg zakt.

Nu lijkt het alsof ik daar inmiddels aan gewend ben, maar zijn ineens ook de wanden en leuningen verdwenen.

Mooi meisje. We gaan de goeie kant op.

Soms begrijp ik het wel Boom.

Begrijpen, nee nee nee nee nee.

Oh nee WAAAAH Boom je vraagt van mij alles los te laten, maar ik heb wel nog steeds rekeningen te betalen.

Oja?

Ja, m’n boodschappen, huur, gas en licht.

Oké, en is dat gelukt voor vandaag?

Ja,

Mooi

Ja, maar binnenkort

Oké oké oké, wat is binnenkort? Is dat nu?

Nee, maar…

Hoe is het nu?

Ja, nu is goed. Nu is altijd goed.

Boom glimlacht z’n tevreden brede glimlach.

Stilte

Maar ben ik dan niet naïef om het zo te laten? Ik ben bezig met werk zoeken, maar concreet is er nog niks.

Oké, begin bij begin. Nu is goed. Kijk dat is eigenlijk het enige wat van belang is. Dan heb je t over werk zoeken. Hoe doe je dat, waar zoek je dan? In huis, in de tuin, in het bos? Creëer. Creëer je werk.

Ik weet niet hoe Boom, ik weet niet hoe. Tenminste niet het werk waar ik geld mee kan verdienen. Ik vind het ingewikkeld, ’t voelt zo onvrij. Ik blijf het een raar ding vinden. Geld verdienen. Ik wil delen, ik wil samen, ik wil helen, ik wil zijn. Geld verdienen voelt zo geforceerd. Als ik zuiver ben, weet ik dat ik financieel gedragen word. Maar dat hoeft niet 1 op 1 te zijn…dat voel ik heel sterk van binnen. Maar inmiddels wordt het wel spannend, en ga ik toch maar op zoek naar een baantje. Ja, onder m’n kunnen, om de financiële rust te hebben, om daarnaast mijn ding te kunnen doen.

Het is een cirkel waar ik in zit. Weet niet… Oja, dit wil ik, schrijven. Waarom doe ik ’t dan niet elke dag? Phfff die handvaten! Loslaten. Overgave.

11 augustus 2026

Dit schreef ik begin 2025. Kort erop kreeg ik uit totaal onverwachte hoek een gulle gift, waarmee de rust was teruggekeerd en waarmee het “als ik doe wat ik te doen heb, wordt dit financieel ondersteund” weer werd onderstreept.

Op de middelbare school zei ik al dat ik zo graag met pensioen wilde, zodat ik vrij was om te doen wat ik belangrijk vond, te doen wat de wereld nodig had, te doen waar ik voor gekomen was, ook al had ik destijds geen idee wat dat dan zou zijn.

Omdat dat pensioen toch op zich liet wachten, heb ik jarenlang, met veel plezier, baantjes gehad, om daarnaast te kunnen doen waar m’n hart lag: eerst in het theater, daarna in de shiatsu praktijk. Zo’n 8 jaar geleden voelde dit niet meer kloppend, en ben ik het geld verdienen los gaan laten, en alleen mn hart laten bepalen wat te doen.

Sindsdien heeft mijn vertrouwen kunnen groeien in het volgen van mijn hart, en de wetenschap dat het financieel gedragen zou worden.

Mijn droom was en is nog steeds: als ik iets voor iemand doe, dat diegene dan weer iets betekent voor een ander, en dat er uiteindelijk een vogel voor mij komt zingen.

En nu schuurt er iets anders, dient een nieuwe uitdaging zich aan. Durf ik ook direct van een ander te ontvangen?

Op dit moment hebben veel lieve mensen in mijn omgeving het zwaar, door ziekte, mentale uitdagingen of emotionele belasting.

Ik voel mij in het midden van allen, wil er voor iedereen zijn, proberen iedereen op te vangen, te helpen, te horen, staande te houden, het is te veel. En het klopt niet.

Mag ik mezelf terug trekken, om voor mezelf te zorgen. Wil ik er geld voor vragen, als energetische uitwisseling. En dat laatste is nou net een dingetje…

Je naasten geef je belangeloos je hulp, je steun, je liefde. Toch?

Maar wat als de uitwisseling eenzijdig wordt, de vragen te groot, te veel, mijn eigen belang niet (meer) gevoed…

Ik geloof in het dorp, de inheemse gemeenschap, daar waar 1 iemand ‘ziek’ wordt, uit balans is geraakt, en daardoor het hele dorp een beetje uit balans. Alle inwoners scharen zich om die ene, en ieder doet wat er nodig is om de balans weer te herstellen.

Helaas werkt het op dit moment op de meeste plekken in de wereld niet meer zo, al weet ik dat we daar weer naar toe zullen bewegen.

Het voelt vreemd om vanuit een relatieschap geld te vragen, voorwaarden te scheppen voor mijn hulp.

Daarnaast ontdek ik dat ikzelf ineens allerlei eisen en voorwaarde aan mijn eigen hulp en aanbod ga stellen, om er überhaupt geld voor te mogen en durven vragen. Pffff. Dit is een oud dingetje. Werken mag niet te leuk zijn, als je er geld voor vraagt. Liever een veilig baantje om geld mee te verdienen, zodat ik daarnaast kan doen waar m’n hart ligt…. Geld verdienen met iets dat ik leuk vind… dan moet ik wel zo goed zijn… en van huisuit zijn wij nooit goed genoeg.

Dus ja, ik geloof nog steeds in die vogel die voor mij komt zingen, maar ik mag ook deze uitdaging aan gaan, geld verdienen met dat waar mn hart ligt.

Dag Boom.

Dag meis. Leuk. Leuk. Leuk.

Wat een zoektocht zeg…

Ja, geweldig!

Oh, pffff, dat had ik effe nodig. Weet je, ik voel je, je kracht, je rechtop, je liefde, je overweldigende eenvoud, eerlijkheid. Ongecompliceerd.

Ja, ik zie jullie wel struggelen hoor, maar fijn als ik jullie duidelijk kan maken dat dat niet hoeft, haha dat het eigenlijk “nergens voor nodig is” hahaha, mooi gezegd, nergens voor nodig!

Dat is misschien wel het verschil tussen ons. Angst, ik vind op mn weg altijd wel weer aan de basis ergens angst. Angst het niet goed te doen, angst veroordeeld te worden, dat zijn wel de twee hardnekkige bij mij. Hebben jullie angst?

Oh welnee! Gelukkig niet 😊 Maar ja, haal er uit wat je er uit kan halen. Angst brengt groei en kracht. Laat ons dat dorp zijn, zodat we met elkaar weer in balans geraken.

Het is zo makkelijk van weg te lopen Boom.

Ja?

Nou ja, dat ik het niet hoef aan te gaan.

Ja?

Nou, ik wil er gewoon niet aan!

Ja? En? Daarom heet het angst. Het is er, je wil het niet, daarom ga je het aan en dan kan het weg… Of het is er, je wil het niet, je loopt er van weg, en het loopt met je mee.

Zucht… ik wil Boom zijn.

Meis, je BENT Boom! Een Boom met Franjes, daarom vinden we je zo leuk!

Oh Boom, je kunt er altijd weer een leuke draai aan geven.

Uh uh, wij geven NERGENS een draai aan. NERGENS.

Oké, duidelijk, snap ik.

Mooi meis, wees lekker Boom en vier je franjes, Niet zo zwaar hoor. Leef maar gewoon je feestje.

Dank Boom, zal ik doen.

En eh, even online zetten dit.

Doe maar gewoon.

Oké Boom…. dank je wel.

In de stilte van de zee

Wie ben ik als niemand mij ziet, schreef ik 13 jaar geleden, te voet onderweg van Amsterdam naar Spanje, op een dag dat ik nog geen mens was tegengekomen. Wie ben ik als niemand mij ziet?

Later realiseerde ik me dat ik wel degelijk werd gezien. Door de bomen, de koeien en de aarde.

Vandaag zit ik op het strand, en weer zie ik mij alleen, en vraag me af… wie ben ik als niemand mij ziet? Nu weet ik direct dat ik gezien word. De zee ziet mij, de zon ziet mij, de wolken zijn zich van mij bewust, evenals de aarde, de meeuwen, de wind. Zij zien mij, zij spiegelen mij, zij zijn mij.

Mama ziet mij, en papa, Bar en Ciel, Agnes, Daan en Monica, Grootje en Gromi, oma en haar moeder. Allemaal verhalen die ik in mij meedraag, verhalen vandaag van het niet gezien worden. Niet echt gezien. Ik voel aan alles dat ik dat nu neer mag zetten. Voor ons allemaal. Mij zelf neerzetten. Mijn zelf.

En wat mag gezien worden? Wat wil gezien worden? Wie ben ik wat gezien wil worden? Wie ben ik als ik even denk dat niemand mij ziet?

Ik ben de zee, ik ben de aarde, ik ben de meeuw, ik ben de zon en de wind. Ik ben liefde. Zie mij. Zie jij.

De natuur maakt geen fouten (1)

Dag Boom.

Dag meis.

Fijn hier weer te zijn.

Ja, fijn. Laten we gelijk van start. Nou ja, jij dan, ga gelijk maar van start.

Oeps, das even plots… Nou ja, ook wel veel in beroering in mij.

Dat dacht ik!

Waar te beginnen?

Zucht eerst even meis, even in en uit. Voel je hart. Laat los en adem even in en uit.

Zo ja.

Dag Boom.

Dag meis. Zo, heel anders nu. Vertel, wat heb je op je hart?

Oh alles, alles, van m’n papa, geneeskunde, via theater, tot de bomen, liefde, natuur en de aarde, zooooo veel! Te veel!

Begin eens met jouw papa dan.

Oké….

Mijn vader. Geboren in 1926. Mijn vader was huisarts. Huisarts oude stempel zeg ik vaak. Dat had ooit iets negatiefs, maar inmiddels ben ik dat positief gaan zien. Dat oude stempel had vooral te maken met mijn ervaring met hem als papa. Daar had ie niet veel feeling voor. Als huisarts stond men destijds nog op een voetstuk, en dat hield ons moeder binnen het gezin in stand. Dat maakte van hem een afstandelijke man, die ik lang als autoritair heb ervaren. Een voorbeeld, zodra ons vader ’s avonds aan tafel kwam, moesten wij stil zijn. 4 kinderen in opdracht van ons moeder zwijgend aan tafel. Of als ik in een gesprek of discussie moest huilen, dan kapte mijn vader het af want dan ‘viel er met mij niet te praten’. Nee, als vader was hij voor mij als kind niet fijn.

Anderzijds was hij in de vakanties de avonturier, en heb ik daar super leuke herinneringen aan. Zo kocht ie een zeilbootje en nam ons zonder enige kennis of ervaring mee het water op, gingen we om het jaar kamperen in de bergen en gingen we in de weekenden naar Ouddorp aan zee mosselen plukken, hout sprokkelen, vuurtje maken en de mosselen in een gevonden blikje koken in zeewater en daarna opeten.

De papa als huisarts van zijn dochter, gaf mij een paar keer de boodschap: ‘wat vanzelf komt, gaat vanzelf weer over’. Dat wil je als kind niet horen. En dan kon ik de spreekkamer weer verlaten. Zo frustrerend destijds! Hoe waardevol deze woorden, nu ik er aan terugdenk. Ja, er ontbrak wel enig advies(…), maar dat zie ik nu als de ongelukkige combi van het feit dat ik zowel zijn patiënt als zijn dochter was.

Als huisarts voor zijn patiënten bleek mijn vader een heel goede luisteraar, waardoor hij bijzonder gewaardeerd werd. Het spreekuur liep bijna standaard uit. Bij hem liep je niet zo maar met een recept de deur uit. Bij iemand met rugklachten bv, moesten toch echt eerst die hakken schoenen uit. Dat werd in de laatste jaren van zijn loopbaan niet vaak meer geaccepteerd, en is hij zelfs een keer serieus met wapen bedreigd omdat hij geen recept wilde uitschrijven. De omslag in de westerse geneeskunde in een notendop? Van gesprekken naar fiksen?

Ik zelf heb van jongs af aan last van migraine gehad. En dat werd van huis uit met paracetamol in toom gehouden. Pas later leerde ik, dat de pillen altijd uit mijn moeders kastje kwamen. Mijn moeder stond pal voor medicijnen en de medische wetenschap.

Mijn vader was kritisch, stuurde de vertegenwoordigers van de farmaceutische industrie bij de voordeur al weg, en bekritiseerde elk nieuw medicijn.

Toen mijn vader rond pensioenleeftijd was, wilde mijn moeder dat hij de griepprik nam. Dat vond hij niet nodig. Mijn vader was 1 dag in het jaar ziek. Maar mijn moeder hield aan “als jij de griepprik neemt, dan meld ik me aan als proefpersoon voor nieuw medisch onderzoek”. Uiteindelijk nam hij de prik om mijn moeder gerust te stellen. Mijn moeder is nog lang trots geweest op haar tactiek en veronderstelde goede daad.

Als huisarts van mijn moeder, weet ik dat hij ook naar haar heel goed kon luisteren, en haar uit menig dal heeft gekregen of gehouden. Tegelijkertijd heeft hij geen oplossing gehad voor de enorme pillenreeks die mijn moeder haar halve leven is blijven slikken. Er werd daar door latere andere huisartsen helemaal niet raar van opgekeken, laat staan iets aan gedaan.

Ziekte moet gefikst, ziekte is niet goed, ziekte moet weg. Daar hebben we medicatie voor.

Voor mij klopt het inmiddels ‘wat vanzelf komt, gaat vanzelf weer over’. Maar je hebt dan nog wel naar de oorzaak te kijken, en daar mee aan de gang te gaan.

Mijn leven ging verder op kamers, en de migraine verhuisde met me mee, net als de bergen paracetamol. Eén keer heb ik het helemaal laten onderzoeken door een neuroloog, er werd van alles geconstateerd en ik kreeg uiteindelijk een recept mee voor zware medicatie.

Dit doosje medicijnen heeft nog jaren onaangetast in het badkamerkastje gestaan, tot ver over de datum. Voor het geval dat. Iets heeft me er altijd van weerhouden het in te nemen.

Rond mijn 40e had ik de grote stap gemaakt van het ‘wilde’ theaterleven naar de ‘serene’ opleiding van Zen Shiatsu.

In een periode dat ik niet goed in mijn vel zat, kwam ik voor het eerst in mijn leven terecht bij een ‘healer’. Ik vond hem op internet, en alles in mij riep dat ik naar hem toe moest. Ik heb er nog bijna een jaar mee gewacht voordat ik de stap durfde te zetten. Daar ontdekte ik dat mijn handen helende eigenschappen hadden, en besloot ik dat ik dat verder wilde onderzoeken. Ik kwam toen uit bij de opleiding Zen Shiatsu. Ik herinner me nog de eerste keer dat ik daar kwam… schoenen uit en kruidenthee! Dat was wel wat anders dan ‘s middags opstaan, het randje van het leven opzoeken en rijkelijk getroost worden met wijn😊.

Maar iets zei me, dat ik hier nu had te zijn, en ondanks enige scepsis besloot ik de uitdaging van deze nieuwe wereld aan te gaan.

Na een aantal maanden zouden we les krijgen van meneer Japan. Zijn echte naam wilde maar niet blijven hangen bij mij. Maar ik had hem vanuit gewoonte al gelijk op een voetstuk geplaatst, vond het een eer om les van hem te krijgen en keek erg uit naar zijn wijsheid.

En uitgerekend die dag stond ik op met een beginnende migraine. Een kleine kans dat ik hem nog met paracetamol eronder zou kunnen houden, maar ja, ik kon toch geen pillen slikken, als ik les ging krijgen van ‘the master’?

Ik besloot het erop te wagen en zonder paracetamol naar de les te gaan. Helaas gaandeweg de dag werd het steeds erger, en was ik steeds minder aanwezig. In de pauze bleek iedereen wel paracetamol bij zich te hebben, en die werden me dan ook van alle kanten aangeboden en aangeraden. Tot meneer Japan z’n hoofd door het kleedkamergordijn stak en vroeg: ‘wie heef hoofpijn, wie heef hoofpijn’. Ik stak mijn hand op, waarna hij me enige tijd intens aankeek, zei dat ik veel water moest drinken en een lange wandeling moest gaan maken. Ik deed wat hij zei, maar aan het eind van de pauze bij terugkomst was de migraine zo goed als ondraaglijk.

Die middag werd ik de proefpersoon van de les, en kregen de medestudenten aanwijzingen, hoe mij te behandelen. Om de zoveel tijd kreeg ik de vraag of het al wat beter ging. En hoe graag ik me ook beter wilde voelen, nog liever wilde ik ervaren dat Shiatsu werkelijk verschil zou kunnen maken, en ik overtuigd zou worden van deze voor mij nieuwe en wonderbaarlijke geneeswijze. Maar telkens antwoorde ik teleurgesteld dat het nog net zo ondraaglijk erg was.

Tot bijna aan het eind van de les ik weer lucht kreeg, ruimte en lichtheid in m’n hoofd, waarna ik zowaar met een lichte hoofdpijn zelf naar huis kon fietsen.

Meneer Japan gaf me nog wat adviezen mee, en nooit weer heb ik deze heftige migraine gehad!

Vanaf dat moment is mijn zicht op geneeskunde 180’ gedraaid en leerde ik meer over de Chinese geneeswijze, voelde me rijk met deze nieuwe kennis en opening naar een heel nieuwe wereld, een nieuw leven.

Niet kunnen bedenken dat ik nu, zo’n 20 jaar later weer een soortgelijke ervaring zou hebben, wanneer ik kennis maak met de Germaanse Geneeskunde.

Dank je Sofie. Fijn je vader zo in beeld te hebben.

Ja fijn om hem te delen. ‘t Was lange tijd zo negatief, maar ik heb zoveel van hem geleerd. Ik kan niet wachten om de cirkel rond te maken.

Helemaal goed, Sofie. Maar neem je tijd. Dit is schrijven voor jou, elke dag een stukje. Niet alles tegelijk, en komt wat komen wil. En wel weer morgen terugkomen natuurlijk 😊

Ik durf het niet te beloven Boom.

Heel goed, Sofie. Komt wat komen wil.

Dank je wel Boom.

Mijn plezier meis!

OPEN KAART

23 april 2026

“Ik ben hier op aarde om te leven, om te leren lief te hebben, om te dansen, om te zingen, om te leren vertrouwen.”

Dat schreef ik 6 jaar geleden. Mooi om terug te lezen.

Al weer wat weken inmiddels zit ik lekker gelukkig te wezen, gelukkig met mezelf, gelukkig met het paradijsje waar ik woon, gelukkig met de bomen en de planten om me heen, met de urenlange vogelconcerten, het prille groene blad, de bloesem, met de zon en mama aarde, gelukkig met het leven.

Tja, en dan… dan kriebelt het ook dat ik wat mag (moet) dóén, iets teruggeven of toevoegen ofzo? Nee, dat ik er ben is al een bijdrage, durf ik nu zomaar te schrijven 😉 

Misschien vraagt het geluk wel om een nieuwe uitdaging? Of mag ik gewoon de hele dag bezig zijn met gelukkig te zitten te wezen? Tijd om m’n praktijk nieuw leven in te blazen?

Ik wandel door het bos en stel de vraag, wat, als ik hier morgen niet meer op aarde ben, wat heb ik dan nog niet gedaan?

Direct krijg ik antwoord, duidelijk en puntsgewijs:

Als ik hier morgen niet meer ben,

  • dan heb ik niet dat lied gezongen
  • dan heb ik niet dat boek geschreven
  • dan ben ik niet in Siberië geweest
  • dan (iets minder concreet) heb ik niet verder onderzocht het gebied van ‘kinderen, meditatie, afstemming’

Oké, die had ik niet zien aankomen! Zo’n snel en duidelijk antwoord…

Dat lied zingen raakt me. Ik voel het diep van binnen trillen. Het lied voor de aarde, het lied voor mij. Eén lied. Door mijzelf zichtbaar te maken, zal ik de aarde zichtbaar maken, en andersom. Oef, die is spannend!

Dat boek schrijven snap ik wel, dat blijft maar terugkomen, en ik blijf het keer op keer opzij zetten. Maar goed, duidelijk . Boodschap begrepen 😉

Siberië is een complete verrassing, maar mijn nieuwsgierigheid is gewekt.

Ja, en dan is er het palet van kinderen, meditatie en afstemmen. In mijn oren gefluisterd door de bomen om me heen. Deze boodschap is minder concreet, en voelt als een enorm groot nieuw te ontdekken veld. Al weer 4 jaar geleden heb ik de opleiding tot Luisterkindwerker afgerond, en na een aantal positief ontvangen afstemmingen, is het weer gestopt. Gesprekken in de energie, van ziel tot ziel. Ik vind het zo spannend! Dat iemand anders dat kan, oké, maar dat ik dat zou kunnen… Inmiddels voelt het veiliger en vertrouwd om met Boom te praten. Daar vind ik dan weer niks raars aan 😊

Een schitterende dag

Beeld van Aylen Liora

Vandaag is het tijd voor het bos en taart! Het is vandaag de geboortedag van Agnes, mijn tante Agnes.

De ogen van een pop

pop doet haar oogjes open…

baby lust de melk niet meer,

peuter wil niet naar school,

kind is lastig,

puber baalt van ouders,

student kraakt huis,

echtpaar gaat scheiden,

minister faalt,

koning neemt ontslag,

de neutronenbom neemt zijn plaats in,

pop doet haar oogjes weer dicht…”

Andrea, 1981, 2e klas, 13 jaar ”

De woorden van bovenstaand gedicht, raakte jou destijds, alsof het je eigen woorden waren. Ik herinner me dat je de tekst wilde hebben, en je hebt het al die tijd bewaard. Ik kreeg ze van je terug na je zelfgekozen dood, tezamen met een afscheidsbrief en een aardenwerk beeldje.

Vandaag vier ik jouw geboortedag. Het is 23 maart.

Na jouw dood vroeg ik me af of ik zelf ook niet beter uit het leven kon stappen. Ik begreep jou zo goed. Deze wereld was toch niet de wereld waar we voor gekozen hadden???

Toen liet je jezelf zien in mijn droom. Je maakte me duidelijk dat ik iets anders te doen had in dit leven, en dat het niet de bedoeling was om ‘eruit’ te stappen. Ik heb je toen beloofd dat ik blijven zou.

Lange tijd voelde ik je aanwezigheid dichtbij, alsof je me in de gaten hield. Dat ik geen ‘gekke dingen’ zou doen. Niet te ver van mijn pad af zou dwalen.

Toen ik mijn draai in het leven begon te vinden, liet je me los, en kwam je alleen af en toe nog langs om je schaterlach te laten horen.

Al heb ik niet jouw schaterlach, wat ben ik het leuk gaan vinden, leuk dit leven, leuk hier op aarde te zijn😊

Vandaag is jouw geboortedag. Vandaag vier ik het leven.

Daar loop ik dan, in het bos. Het is hier heerlijk en ik ben zeker niet alleen. Ik ben in het liefdevolle gezelschap van een paar belangrijke en krachtige vrouwen: Agnes, mam, zus en zus, grootmoeder, mijn moeders oma en mijn vaders oma.

Ik voel me blij. Wel blijft de vraag in mijn hoofd, waarom ik hier, en zij ‘daar’. Blijkbaar heb ik hier wat te doen, zo voelt het wel voor mij. Maar wat?

Wat zouden zij graag gedaan hebben, als ze nog in hun fysieke lijf zouden zijn?

Lachen, krijg ik direct te horen, of eigenlijk te zien. De één na de ander laat zich zien, plezier hebben en lachen, met elkaar! Cést tout!

Daar zit ik dan, in het bos, midden op de weg op de grond. Een pad. Mijn pad. Een grijns op mijn gezicht. Ik voel een zachte frisse wind langs mijn lijf. De vogels hoor ik op verschillende afstanden. Ze zijn rustiger dan een paar weken terug, inmiddels gewend aan de nieuwe lente.

De bomen ademen zacht en traag. Alert, dat wel, maar altijd rustig.

Sommige bomen hebben oranje strepen. Een ander een oranje stip. Nog 2 zie ik met witte strepen. Eén met blauwe stip. Ik ken de codes niet.

Meer en meer oude bomen verdwijnen. Ik hoop dat ook zij in mij blijven voortleven. Ik ben mijn moeder, ik ben de aarde, ik ben de bomen, ik ben de zon.

Wat is het leven prachtig. Wat is het leven mooi. En ach…dat zeuren soms nog in mijn hoofd, dat verdwijnt als ik naar de vogels luister, een bij hoor zoemen, met mijn kont midden op de weg in het bos zit, mijn blote voeten op de aarde voel, en ook, ook als ik een taartje eet 😊.

Vandaag vier ik het leven. Vandaag leef ik de zon.

Het wordt een chocoladetaartje.

En daarna

artiest foto onbekend

En toen was het leeg. Vrij. Open.

Alles gedaan, verzorgd, gezorgd. En nu, op blote voeten op de aarde, in het bos. Het druppelen van de laatste regendruppels. Stil. Een trein in de verte. Een enkele kraai, niet echt overtuigend.

Ik stel me altijd voor dat de vogels ook ‘s middags theepauze hebben. Net als het kleine volk, verscholen, knus in hun huiskamertjes, nestjes en holletjes, uit de wind en droog, uitrusten van de dag. Ze waren al vroeg op. De vogels. Weer.

En ik sta hier. Te staan, te zijn, zonder geschiedenis, zonder zichtbare toekomst. Het pad voor me geplaveid met rood bruine bladeren. Boven mij het nog groene blad, als een erehaag over mij heen gebogen, zet ik een stap, en nog één. Open en vrij, ongewis waar heen. Hier ben ik. Onbestendig. Niet vluchten. Geen excuus meer.

Zeven maanden geleden nog maar. Zeven maanden geleden al weer. Toen je het aardse losgelaten hebt. In alle rust en zo vredig. Afgelopen week hebben we het naamplaatje op je graf vervangen. Jullie graf. Van jou en pap nu. Maar net als bij leven, ben jij ook nu weer degene die het gezellig maakt. Het huis altijd vol met planten, spulletjes, foto’s, kaarsen en kleedjes. Pap zei kort voor zijn overlijden, ‘ik wil nog helemaal niet dood, want het is zo gezellig hier’. Maar de kou in zijn lijf won het uiteindelijk toch van gezelligheid. Ook nu, nu je bij pap bent bijgelegd, is de plek ineens een stuk gezelliger. Broer en ik zitten er graag, de plantjes, schelpen, stenen en beeldjes uit je huis, maken er een fijne plek, waar we met veel plezier en onze thermoskan een kop koffie en een theetje komen drinken.

Ja, ik mis je. En ook weer niet. je bent er gewoon, in mij en om mij heen.

Jij bent degene die me leerde over liefde, en neemt me nu nog steeds bij de hand in mijn zoektocht daar naar.

Bij jou heb ik op het einde van je aardse leven, zo’n diepe liefde mogen ervaren. Eén die ik nog niet kende. Diep, puur en vrij. Vrij van rafels, van bijbedoelingen en dubbele lagen. Liefde, zoals liefde.

Zeven maanden geleden al weer. Zeven maanden geleden nog maar, schreef ik:

Zo blij, zo vrij, zij is mij,

zij vliegt, ik mag nu ook.

Rustig, het komt vanzelf,

het komt op eigen tijd.

Mijn liefde voor mij.

Haar tranen gehuild.

Ik mag nu vrij, ik mag nu

blij, ik mag mijn kleine

meisje, mijn kleine meisje mag

mij.

Ik ben vrolijk, ik ben licht, ik

ben vrij, ik ben mij.

Tja, en dat blijkt nu best een uitdaging. De uitdaging van vrij te zijn. De liefde die ik heb leren kennen door jou, voor jou, nu grenzeloos door mij, voor mij… spannend wel.

En daar is vrij.  

VLIEG

20 juli 2025

Lieve Boom,

wat is het toch, wat ik de wereld te geven heb? Wat te brengen?

“Meis meis, woorden. WOORDEN, die heb jij te brengen.”

Ach woorden Boom, wat zijn nou woorden? Mijn ene zus was een baken van rust en wijsheid in haar omgeving, mijn andere zus was zo vol liefde en creatie. Beide ook nog moeder bovendien. Ik voel me niet minder, maar ja… wóórden!

Ik weet nog toen mijn zus Bar overleed, dat ik het al niet begreep. Waarom zij en niet ik. En het gekke is, ik weet ook dat ik hier te zijn heb, dat mijn ding op aarde nog lang niet is uitgespeeld. Maar Boom, ik vind het nog steeds ook veel gedoe hier. Waarom niet simpeler, als de eenvoud van het bos. Het mensenleven doet zo ingewikkeld!

“Nee nee nee nee, meisje. JIJ  doet ingewikkeld. Leef als ons, en laat, laat, laat.”

Oh Boom, ik voel heel ver weg wat je bedoelt, maar het ontglipt me bijna tegelijkertijd.

“Geeft niks, dan ‘laat’ je opnieuw en opnieuw en opnieuw. Meisje lief, je bent 2 werelden aan het verenigen, dat is niet niks. Zie het als een spel, een uitdaging, en probeer telkens weer opnieuw. Weet je nog hoe je als kind eindeloos en vaak monopolie speelde? Elke keer opnieuw, schone lei, nieuwe kansen, en opnieuw. En wat een support team heb je inmiddels om je heen!”

Ojaaaa Boom, dat ervaar ik zeker zo! Ik voel ze allemaal vanaf de andere kant.

2 aug 2025

Lieve Boom,

Ik vind het zwaar hoor. Twee zussen dood, papa en mama dood. Broertje en ik nog over. Ik voel me soms behoorlijk in de steek gelaten. Niet altijd hoor. Ik heb nog een hoop vrolijkheid in mij. Maar jeetje, erg lief en zacht vind ik het allemaal niet.

4 aug 2025

Lieve Boom, hier ben ik weer. Genoten van de wind in Bergen aan Zee. Ik voel me warrig. Je zei me mijn blaadjes te laten vallen, en volgens mij doe ik dat nu. Mijn blaadjes, mijn verhalen, mijn verleden, mijn programma, mijn beelden over wie ik ben, wie ik zou moeten zijn, zou kunnen zijn, zou willen zijn. Nu snap ik de woorden: ik ben.

Maar ik heb nog wel een hulplijn ingesteld. Ik stel me een scheerlijn voor me, waarmee ik door een tentharing verbonden ben met de aarde. Ik zou anders zomaar wegvliegen. Nog een zuchtje wind van jou, en ik vlieg zo al mijn blaadjes achterna. Ik ben het blaadje niet, dat snap ik nu wel. Ik ben ik ben… gelukkig aan een koord met haring stevig in de grond 😉 .

“Leuk, ben je lekker aan ’t kletsen. Gezellig hoor!”

Ach Boom, gedoetjes in mij. Vast niet nieuw voor jou.

“Haha, nou zou wel nieuw voor mij zijn hoor, als ik die gedoetjes van mezelf zou kennen hahaha. Maar ik begrijp je wel hoor. Ja, ik ken jouw gedoetjes inmiddels wel. Maar, weer een stapje verder.”

Ja Boom, maar nu dan? Ik voel me nu een vreemde in mijn eigen huis. Wat te doen? Alles is mogelijk, alles ligt open. Zoveel opties, zoveel uitnodigingen.

“Och meisje, voel je nu wat er in de weg zit?”

Ja, ik wil het juiste doen. Het goeie beslissen. Bang dat als ik voor het ene kies, ik het andere misloop.

“Juist ja. Zoveel heb je losgelaten, maar je hoofd ratelt nog lekker verder hahaha!”

Het blijft nog onwennig om te luisteren naar die richtingaanwijzer, die zo buiten alle bekende plaatjes, ideeën en logica wijst.

“Vandaar jouw briljante idee, van scheerlijn en haring hahahahaha, ja, ik zie je nu als vlieger meevliegen met de wind. Mooi beeld hoor.”

Lieve Boom, het gaat alsmaar over mij, deze gesprekken. Kan ik iets voor jou doen? Zou je iets aan de wereld willen vertellen?

“Ha, de wereld! Weet meisje lief, dat het grootste deel van de wereld hoort mij wel, luistert naar mij, en zo zijn we ook ontstaan. Verbonden in contact. Het zijn alleen de mensen die hiervan zijn losgeraakt. De mensen die zijn gaan denken dat ze anders zijn. Die zijn vergeten te luisteren. En ongelofelijk maar waar, zij weten niet eens meer hoe dat gaat, luisteren. Echt luisteren. Naar elkaar luisteren is al een hele uitdaging voor velen. Laat staan luisteren naar een boom zoals ik, naar de wind en de regen, de planten, de sterren, de dieren en de aarde. En daarom ben jij er. Onze luistervink hahahaha!”

Ik blijf dat spannend vinden hoor Boom.

“Dat geeft niet. Spannend mag. Als je maar schrijft. Luister en schrijf. Vertrouw op jou. Voel die scheerlijn met de aarde verbonden en vlieg meisje, vlieg!”

Zucht Dank je wel Boom, dank je wel.

“Vlieg    ,    vlieg    ,     vlieg… “

Laat je blaadjes maar vallen

Eindelijk, mijn eenhoorn is aangekomen. Nieuwsgierig pak ik hem uit.

Ja, mooi.

Best mooi.

Maar hij doet me eigenlijk niks.

Wat had ik verwacht? Bovendien, de ‘achterkant’ is helemaal niet mooi.

Ietwat teleurgesteld zet ik hem weg en vergeet hem.

Een week later zit ik weer eens met m’n kop vol vragen, en besluit de unicorn er bij te pakken.

Zodra ik contact maak, begint het in mij te stromen. Ik voel een enorme liefde, een lichtheid, en ineens de verbinding met al die kinderen, al die kinderen voor wie deze eenhoorn bedoeld is. Het kind in mij, dat eindelijk weer mag zijn, het kind in mama, en het kind in al die kinderen die zo graag kind willen zijn…

Ik draai de unicorn om, en zie de beschadigde kant. Ook een kant van al die kinderen die zo graag kind willen zijn. Zo graag kind wilden zijn. De eenhoorn staat voor dromen, wensen, magie. Liefdevol en veilig. Dat wil ik de kinderen brengen.

Wat een prachtig krachtig beeldje is het nu.

🌹

Het is stil. Stil is het buiten. Stil is het in mij. Af en toe een tjilp buiten, een vliegtuig ver weg, hoog in de lucht. Oja, ik zag een buizerd vandaag. Op de aarde op een hoek waar ik met de auto langs reed. Bijzonder.

De eenhoorn staat voor me. Krachtig. Liefdevol. Niet meer iets om te negeren, of om aan voorbij te gaan.

Krachtig en liefdevol. Die combinatie ben ik aan het ontdekken. Onderzoeken. Ervaren. De ruggengraat in mij, die ik afgelopen tijd intens heb leren kennen. Ik mag gaan staan. Dat is alles wat ik hoef te doen. De rest komt vanzelf.

Dag Boom.

Dag meisje.

Wat een mooie dag hè Boom.

Ach ja, elke dag is zo mooi. Maar blij dat je er van geniet vandaag.

Ja, ik weet het Boom. En ik geniet ook eigenlijk wel de meeste dagen. Maar toch, het voelt anders vandaag.

Mooi dat je dat het opmerkt! Ja, er is heel wat veranderd. Je trilt nu een stuk lekkerder met ons mee Hahaha (bij elke hahaha die ik schrijf, hoor ik een lage bulderende lach).

Is dat het?

Vraag niet te veel. Voel maar. Voel maar.

Stilte

Het is zo lekker, als ik er de tijd voor neem, Boom.

Och och tijd, tijd, tijd. Altijd weer die tijd.

Ja, gek hè, maar als ik helemaal zonder de tijd zou leven, zou ik niks meer doen. Zou ik, ja, zou ik alleen maar zitten te zijn.

Hahaha, hoor wat je zegt! Ga dat dan gewoon ’s doen. Echt doen. Zitten te zijn Hahaha.

Oh, ik weet het, toch nog zoveel geprogrammeerd in mij, dat ik iets moet doen, dat ik moet bewegen, dat ik stappen te zetten heb, dat er een doel voor mij ligt, …

Ja, ja, dat laatste klopt. Klopt helemaal. En dat komt. Dat komt vanzelf. Laat het gebeuren. Stel je open, geef je over en het universum kan aan de gang.

Maar is het dan niet van belang dat ik in beweging kom?

Och meis, je hebt geen idee van de beweging in jou, om jou heen. Prima hoor, als je stappen zet, alles is goed. Wij springen er uiteindelijk op een passend moment in. Of nee, natuurlijk voor jou niet op een passend moment hahahaha, dan zou je nog kunnen denken dat je de touwtjes in handen hebt. En dat begin je nu wel te snappen, dat heb je niet! Hahaha. Oh heerlijk dit weer!

Je hebt er wel lol in hè Boom?

Oh zekers zekers! Laat dat je grootste les zijn, lach in dit leven, lach, lach, lach. Lach in het leven, je bent er maar even Hahaha!

Nou Boom, ’t is bijna of je me aan het uitlachen bent.

Och nee zeg, maar als je blieft, niet zo serieus! Geniet, geniet, geniet.

Oh zeker Boom, dat doe ik elke dag, zo blij met het paradijs waarin ik wonen mag.

Dat is alles, lieve kind, dat is alles. Je doet het goed meis, je doet het goed.

Dank Boom, fijn te horen.

Vertrouw en vertrouw, laat je meevoeren met het leven, met de ongeziene krachten, met alle mooie zielen om je heen.

Oh ja, die voel ik Boom, steeds meer, steeds krachtiger.

Geef je tijd, geef je aandacht, dat is wat er nodig is.

Ja gek hè, ik sluit me er toch vaak weer van af. Ergens zo’n drempel. Terwijl ik best wil, horen, luisteren, voelen, samen, …

Dat komt. Dat komt. Elke keer dat we samen zijn, zitten, hahahaha, nou ja, jij zit en ‘ik ben’ Haha, grapje, hou ik van, hmm goed (kuch) elke keer dat je naar me luistert, komen we een stapje verder, of nee, natuurlijk dichter bij! Och och, die taal van jullie… Maar we vinden elkaar wel op papier. Of eigenlijk, jij weet me te vinden. Mooi mooi mooi. Oh en eh, ga je je laatste tekst nog even posten?

Nee toch, wie zit…

…daar nou op te wachten?! Oké, gaan we weer terug naar het begin?

Nee Boom, nee, pffffft, ik beloof ik beloof ik beloof.

Fijn meisje, je begint je woorden ook al te herhalen. Dat is een goed teken Hahahaha.

Dank je wel Boom, fijn gesprek weer.

Graag gedaan meis, laat je blaadjes maar vallen.

Zal ik doen.

(na dit gesprek heb ik direct mijn vorige blog gepost 😉 )

Ontmoeting met de Unicorn

Het was in mijn cirkelgroep waarmee ik maandelijks samenkom, dat voor mij vorige maand de Eenhoorn was getrokken. De Eenhoorn die mij vanaf dat moment op mijn pad zal vergezellen.

Ik denk automatisch terug aan de tijd dat ik op de acteursopleiding zat in Amsterdam, en een scene moest spelen uit ‘The Glass Menagerie’ van Tennessee Williams. Een disfunctioneel gezin, waarin ik dochter Laura speelde, een gehandicapt meisje van 23 jaar en zo verlegen, dat ze nauwelijks meer contact met de buitenwereld heeft. Haar wereld is haar glazen speelgoed.

Tussen alle glazen beeldjes zat ook een eenhoorn. Die stond voor Laura voor haar dromen en wensen, leerde ik, en wat dat dan voor mij als Andrea betekende. Ik was toen rond dezelfde leeftijd als Laura, en ik herinner me hoe wanhopig de docent probeerde dromen uit mij te trekken. Ik had ze niet. Blanco. Nada. Niets. Er zat een groot hiaat tussen Laura en mij. Ik begreep Laura niet.

30 jaar later nu, en de eenhoorn komt weer op mijn pad. Ik weet nog niet wat ie zal brengen, behalve de herinnering aan Laura, maar ik ben blij dat ie weer in mijn leven is gekomen. Alsof ie al die jaren gewacht heeft op het juiste moment. Ik voel de behoefte om de eenhoorn vast te pakken, concreet te maken. Ik besluit mezelf te trakteren en bestel een beeldje.

Dag Boom.

Dag meisje.

Ik ben moe Boom.

Ik zie het meis. Dat hoeft toch niet?

Ik weet niet hoe het anders te doen.

Je doet het prima kind. Geef het tijd. Laat het zijn. Je ruimt al zo veel op. Daar mag je best even van uitrusten.

Dank je Boom. Ik vind het allemaal best veel.

Ja ja, dat is het ook! Maar ja, jij ging ons helpen met opruimen toch? Ja, en er is nogal wat op te ruimen. Maar wat ik je zeg, je doet het prima. Niet zo streng. Er zijn geen regels, er is geen methode. Zoals jij het doet, is het precies goed!

Waar heb ik dat eerder gehoord 🙂 Bij mijn eerste massagecursus, ook al weer 20 jaar geleden. Ik snapte er helemaal niks van, en deed maar wat. Ik besloot mijn cursus af te maken, want ja, ik had er toch immers voor betaald 😉 . Die keer was de uitnodiging om op de leraar te oefenen. Met een zucht ging ik dat dan maar doen. Na afloop kreeg ik de vraag hoe het met me ging, en ik zei dat ik me goed voelde, en dat ik maar wat gedaan had. Ik kreeg als feed back terug dat elke aanraking precies raak was. “Ja maar”, protesteerde ik, “ik deed maar wat!”. “Ja”, zei de leraar, “en dat is precies de bedoeling, dat is de staat waarin je hebt te werken”.

Juist, vervolgt Boom, je had je hoofd er tussenuit gehaald en ging mee met de stroom. Dat is nu weer de zoektocht, de oefening. Je hoofd er tussenuit halen.

Ja, maar hoe doe ik dat? Het denken start elke keer weer opnieuw!

Focus op je hart. Opnieuw en opnieuw. Daar ligt jouw schat. Vertrouw daarop, en het zal steeds makkelijker gaan. In je hart zit de liefde, je moeder, je vader, iedereen met wie jij je verbonden weet. Het is je connectie met het grote licht, de bron. Geef het aandacht en het zal zich steeds weer vullen. Vullen met liefde, eindeloze liefde.

Ik zou het zo graag tastbaar willen hebben. Toch zo de behoefte iets buiten mij, wat ik kan zien of voelen.

Er komt een kleine Unicorn naar je toe. Kijk wat deze voor je kan doen, de verbinding tussen jou, de bron en iets tastbaars. Maar weet, je hebt niets nodig. Neem telkens even rust, sluit je ogen en kijk naar binnen. Weet je, het licht is zoveel groter dan je tastbaar kunt maken. Jullie mensen kunnen er telkens even aan proeven, en op den duur zal het je helemaal vullen, als je zover bent, dat je het kan dragen. Je bent al een heel eind hoor, kan ik je vertellen. Hou het licht, luchtig, plezier. Alles is goed, jij bent goed, jij bent lief, jij bent liefde. En, liefde laat niet over zich lopen, belangrijke les.

Dank je wel Boom, dank je wel.

Goed meisje, doe het rustig, het komt vanzelf. Vertrouw. Het is goed. Jij bent goed. En alles komt zoals het komt.

Dank Boom. Dank…

(in een volgend gesprek herinnert Boom me eraan, dat ik dit verhaal nog niet gepost heb, en laat me beloven dat ik deze tekst als nog zal publiceren… vandaar, nu toch online)

Van gedoetje tot paradijs

Het bos in. Voor het eerst zonder telefoon.

Ik heb vaak gezegd, als mama er niet meer is, gaat mijn telefoon eruit. Stoere praat. De werkelijkheid net iets anders… nog steeds wel het verlangen.

In het bos komen al snel wat woorden in me op, “wat een gedoetje hier toch op aarde”. Ik ga op zoek naar mn schriftje om het op te schrijven. Zal je net zien, nooit eerder gebeurd, maar nu natuurlijk wel. Wel mijn schrift, geen pen. Nog een keer de hele tas door. Vreemd. Ga ik terug? Ik ben nog dicht bij huis. Het is wel een beetje veel van het goeie, geen mogelijkheid om te schrijven, en geen mobiel, dus daar kan ik mijn schrijfsels ook niet in kwijt.

Ik begin met teruglopen, en bedenk dan dat er voor mij als pelgrim altijd één regel bovenaan staat: Maakt niet uit wat er gebeurt, maar teruglopen is er niet bij.

Ik draai me weer om en loop verder. Open voor wat er wil gebeuren.

Onderweg realiseer ik me dat ik al mijn ideetjes en ‘binnenploppers’ effe niet kwijt kan, en alles onthouden geef ik snel op.

Even iets delen in een app groep, wat ik eerder vergeten ben, ik laat het gaan.

De ontmoetingen met Boom en de hazelworm, ontmoeting met vogel en met licht. Ik kan het nu niet vastleggen, niet delen, het is er allemaal alleen voor mij. Dat is wennen. Ik beleef het allemaal intens.

Mijn wandeling loopt op meerdere fronten anders dan andere keren. Een nieuw pad. Een eerste ontmoeting met een onbekende reusachtige en krachtige boom. Zijn wortels deels verhout, als enorme spierbundels verspreid boven de grond aan zijn voeten. Zijn stam enorm, sterk en strak. Ik vlei me er tegenaan en voel me opgenomen, gekoesterd en veilig. Wat een kerel!

Naast deze reus zie ik een klein onofficieel paadje dat door de struiken verdwijnt, waarachter ik het zonlicht zie schitteren. Als een Alice in Wonderland word ik naar het gat in de struiken gelokt, alsof ik door een poort loop, boom de poortwachter. Eenmaal door de poort sta ik midden in het paradijs. Niet meer, niet minder. Wat een wonder hier! Ik kijk vol verwondering om me heen, en zie de zon door het landschap spelen. Het is zo’n verrassing, midden in het bos dat ik inmiddels wel dacht te kennen.

Ik ga op een oude boomstam zitten. Het is overweldigend groen en licht, en zoveel variatie in kleur, variatie van verschillende bomen en planten. Hoe langer ik daar zit, hoe meer ik zie… een paarse bloem…3 jonge berken, 2 puberdennen, een groepje blauwe bessen struiken, nog een bloem, een witte, en nog 2, en daar nog één, oh daar ook, 2 roze, nog een witte, tussendoor af en toe een varen…. In de verte de grote bomen, die als beschermers een oogje in het zeil houden. Alles lijkt te spreken. Soms met elkaar, soms tegen mij. Als ik na een poosje iedereen bedank voor hun schoonheid, gastvrijheid en gezelligheid, antwoorden ze me om beurten met hun lachende blaadjes toe en spetteren het zonlicht om zich heen. Ze hebben me gehoord! Oh, wat zou ik dit nu graag delen. Delen met de wereld, ‘zie, het paradijs is werkelijk hier, hier op aarde!!!’. Geen pen, geen camera, ik slurp alles in me op. Het is blijkbaar nu speciaal voor mij.

In mijn hoofd het lied waarmee Israël mee deed aan het songfestival, “New day will rise”. Ik kan het niet delen, omdat velen er een verhaal bij hebben, en het alleen maar meer verdeeldheid zal brengen. Wat ik zie, is een mooi mens, ik hoor een krachtige stem en woorden die mijn hart raken. De klanken zitten in mijn hoofd, en ik droom bij het idee dat iedereen, wie dan ook, waar ook vandaan, dit lied samen zingt, vanuit het hart. Dan hoef ik mijn paradijs van vandaag niet via foto’s te delen. We zouden er met zijn allen midden in zitten. Het paradijs. En het is er al, echt waar!